Gents circulatieplan: minder auto's, veel meer fietsers en negatieve neveneffecten vastgesteld

Het Gentse circulatieplan, dat bij de intrede met veel ophef gepaard ging, is bijna een jaar oud. Uit de eerste grote evaluatie blijkt dat bestuurders zich aanpasten, maar dat er ook weerstand blijft.

3 april 2017 was een dag waarnaar veel Gentenaars vol spanning toeleefden. Het circulatieplan dat op die dag van kracht ging moest, autogebruik in het centrum ontmoedigen en andere vormen van vervoer stimuleren. Als dat niet zou lukken, was het hele plan mislukt, zei mobiliteitsschepen Filip Watteeuw (Groen).

Maar bijna een jaar later blijkt de stad in haar opzet geslaagd. Ze presenteerde vandaag de resultaten van 400 pagina's aan evaluatie en een enquête bij iets meer dan duizend Gentenaars.

Sinds de start van het nieuwe circulatieplan ziet Gent een scherpe stijging van het aantal fietsers met 25 procent. Ook het aantal gebruikers van het openbaar vervoer nam toe, tot gemiddeld 28 procent in de avondspits.  En het autoverkeer daalde met twaalf procent, al zette de switch zich vooral door in het vrijetijdsverkeer, minder in woon-werkverkeer.

‘De Gentenaars verdienen felicitaties, want ze kiezen overduidelijk vaker voor stappen, trappen en openbaar vervoer’, zegt Filip Watteeuw. ‘Zo geven ze zelf vorm aan één van de meest ingrijpende veranderingen in Gent van de laatste decennia.’

Maar de succesvolle modal shift, zoals dat heet, kan niet verbergen dat niet alle Gentenaars zich achter het nieuwe plan scharen. Nog altijd vindt 35 procent het geen goede zaak. Vooral handelaars lieten er zich in het verleden negatief over uit: ze zeggen dat hun omzet daalt door de afgenomen bereikbaarheid met de wagen.

Opvallend: van de Gentenaars die sinds het circulatieplan al een verplaatsing naar de binnenstad maakten, beoordeelt 58 procent het plan positief. Bij wie sindsdien niet naar de binnenstad kwam, is dat slechts 36 procent.

Luchtkwaliteit beter in centrum, slechter op de ring

Een belangrijke bezorgdheid van velen bij de aanvang van het nieuwe circulatieplan, was dat de verkeersdruk op de Gentse Ring zou toenemen. Dat gebeurde ook, maar door ingrepen her en der bleef de gemiddelde reistijd wel grotendeels onveranderd. Op enkele plaatsen gaat het wat sneller, op andere wat trager.

Minder auto's betekent ook minder bezette parkeerplaatsen. Op straat daalde de parkeerdruk in het betalend gebied van 77 naar 63 procent, en ook in de ondergrondse parkings is het makkelijker parkeren: de bezetting daalde overdag gemiddeld van 54 naar 48 procent. Maar in enkele straten in de rand van de stad, waar je met de auto wel nog geraakt, is de parkeerdruk gestegen.

Hetzelfde geldt trouwens voor de luchtkwaliteit: computersimulaties tonen een verbetering op 22 van de 29 onderzochte locaties binnen de stadsring, maar een afname van de luchtkwaliteit op een aantal plaatsen op de ring zelf en op enkele hoofdontsluitingswegen in de binnenstad.

Conclusie: het circulatieplan deed wat het beoogde, maar kan vooralsnog niet verhinderen dat zich aan de buitengrenzen ervan enkele negatieve neveneffecten manifesteren. ‘Daarom blijven we kijken waar we kunnen verfijnen en verbeteren’, zegt Watteeuw. Enkele wijken die een toenemende parkeerdruk zien, krijgen binnenkort bijvoorbeeld extra voorbehouden bewonersplaatsen.