1 op 3 wil en kan thuiswerken, maar mag niet van baas
Foto: rr
Nochtans kan zo een op de zes woon-werkkilometers worden vermeden.

Bij hevige sneeuwval kan de overheid sinds kort ‘thuiswerkalarm’ afkondigen, maar ook op gewone dagen kan telewerk een zegen zijn tegen de filedruk op de Belgische wegen. De nood is hoog: bij ongewijzigd beleid zijn we tegen 2030 tijdens de spitsuren nog eens 25 minuten langer dan vandaag onderweg om een afstand van 50 kilometer te overbruggen. De gemiddelde snelheid op onze wegen zou tegen dan met een vierde zijn afgenomen.

Gelukkig ziet de Federale Overheidsdienst (FOD) Mobiliteit een ‘enorm potentieel’ in de toename van telewerk. ‘In het verleden is gebleken dat de oplossing voor het fileprobleem niet te vinden is bij massale overheidsinvesteringen in infrastructuur, maar dat pogingen tot gedragswijziging de sleutel tot succes kunnen zijn.’

23 miljoen km minder

Uit een grootschalige enquête bij tweeduizend werkende Belgen blijkt dat zowat een op de drie werknemers die vandaag niet (ten minste 1 dag per week) aan telewerk doet, dat wel wil en naar eigen zeggen ook kan, maar daarvoor geen toestemming krijgt van zijn werkgever.

Dat is dus een grote groep mensen die ‘met wat kleine aanpassingen en een andere mentaliteit van de werkgever aan telewerk kan doen in de nabije toekomst’, concludeert de FOD. Als zij dat beginnen te doen, zal de huidige 17 procent telewerkers (al ruim het dubbele van tien jaar geleden) nog voort aangroeien tot 42 procent.

De impact daarvan op de mobiliteit zou ‘zeer groot’ zijn: vandaag vermijden alle telewerkers samen elke dag ruim 9 miljoen kilometers, of 7 procent van al het woon-werkverkeer. Dat zou oplopen tot 23 miljoen uitgespaarde kilometers per dag: een zesde van alle tijdens de spits gereden kilometers.

‘Duiventil-syndroom’

Ook zelfstandigenorganisaties Unizo en VBO zijn vragende partij voor meer telewerk. Beide tonen zich ‘grote voorstanders’. Ze moedigen ‘alle bedrijven aan om de mogelijkheid van telewerken met open vizier te bestuderen’.

Maar ze hebben er begrip voor dat veel werkgevers er (nog) niet voor openstaan. ‘Telewerk is nu eenmaal niet altijd wenselijk, ook niet als de job het toelaat’, zegt Danny Van Assche, gedelegeerd bestuurder bij Unizo. ‘Om te beginnen is er het risico op het “duiventil-syndroom”: iedereen loopt maar binnen en buiten, en collega’s zien elkaar veel minder of zelfs niet. Dat staat niet alleen de cohesie binnen de ploeg in de weg, het verhoogt ook de drempel voor vragen en samenwerking. Snel even bij iemand aankloppen, kan niet. En de telefoon opnemen, vereist meer inspanning. De kans dat er niet meteen een antwoord komt, is groot.’

Bart Buysse, directeur-generaal van het VBO, ziet behalve praktische drempels – bijkomende kosten en formele procedures die gevolgd moeten worden – ook culturele drempels. ‘Sommige managers hebben moeite met de afwezigheid van rechtstreeks toezicht’, zegt hij. ‘En ook niet alle werknemers kunnen om met de afwezigheid van controle.’