Geen enkel museum klaar voor promotie
Het Smak heeft een belangrijke collectie, maar de museale werking is niet in verhouding, zegt de commissie. Foto: Frederiek Vande Velde
Zeven Vlaamse musea waren kandidaat voor een rangverhoging tot ‘grote instelling’. Drie waren voorgedragen voor dat statuut, maar geen enkel kreeg het.

Bij de kunstinstellingen zijn er ondertussen zeven ‘grote instellingen’. Het gaat om bakens in de kunstwereld, zoals De Singel, het Antwerp Symphony Orchestra en de Ancienne Belgique. Het was de bedoeling om een gelijkaardige oefening te doen in de museum- en erfgoedwereld.

Momenteel zijn er bij de musea twee van die grote instellingen. Dat zijn het Muhka en het Museum voor Schone Kunsten van Antwerpen. Er waren zeven kandidaten om ook tot die club toe te treden. Instellingen die zo’n rangverhoging krijgen, lopen meer voorop. Ze krijgen extra taken, maar daar staat ook een bredere financiële verankering tegenover.

Van die zeven kandidaten kregen er vijf een positief advies van de beoordelingscommissie. Omdat er een paar kantje boord waren, droeg de administratie er drie voor om het statuut van grote instelling te krijgen: Musea Brugge, Museum M Leuven en het Museum voor Schone Kunsten Gent.

Uiteindelijk heeft geen enkel museum de promotie gekregen. Toeval of niet, het zijn drie musea met een SP.A-stadsbestuur. ­Volgens onze informatie woog binnen de Vlaamse regering de recente commotie in het MSK zwaar door op de toekenningen. De discussie draaide erop uit dat ze in het huidige klimaat liever op de rem gingen staan.

‘Er is inderdaad een politieke beslissing genomen’, zegt minister van Cultuur Sven Gatz (Open VLD). ‘Er hadden drie erkenningen kunnen zijn. Het blijft een salomonsoordeel, het kon de twee kanten opgaan. De beslissing is tien dagen geleden genomen. Dat is dus vóór de beslissing om MSK-directrice Catherine de Zegher tijdelijk te ­schorsen.’

Werkpunten

Gatz zegt dat de musea in een groei­proces zitten. ‘Er is een goede dynamiek bij de musea. Maar ze halen nog niet hetzelfde niveau als hun collega’s bij de kunstinstellingen. Op de meeste criteria die meespelen in de beoordeling zijn er nog werkpunten om een voorbeeldfunctie ten volle waar te maken. Er zijn bijvoorbeeld nog investeringen nodig op het vlak van collectiebeleid, infrastructuur, digitalisering en publiekswerking.’

Uit de rapporten van de beoordelingscommissies komen de musea nochtans ­behoorlijk voor de dag. Brugse Musea heeft een uitzonderlijke collectie en het publieksbereik is daarmee in verhouding. Museum M heeft weliswaar een beperkte collectie, maar overstijgt dat tekort met zijn dynamische werking. Het rapport van het Museum voor Schone Kunsten Gent is geschreven vóór de commotie en is positief: het heeft een collectie van internationaal niveau, die het op ­degelijke wijze beheert en presenteert.

Ook het Gallo-Romeins Museum (Tongeren), Muzee (Oostende) en het In Flanders Fields Museum (Ieper) scoren goed. Alleen het Smak (Gent) valt wat uit de toon. ‘Het museum beheert een zeer belangrijke ­collectie hedendaagse kunst,’ vindt de ­commissie, ‘maar de museale werking staat niet in verhouding tot de waarde en het internationale belang ervan.’ De depotsituatie is onvoldoende.

Het is de vraag of de musea door hun achterstand op de andere kunstdisciplines er niet de dupe van zijn dat ze op sommige vlakken nog niet volop excelleren. Oce, de koepelorganisatie van musea, archieven en erfgoed, heeft al meermaals campagne gevoerd om meer middelen te vragen voor de sector. Bij de vorige subsidieronde kon toenmalig minister Joke Schauvliege (CD&V) die inhaalbeweging niet realiseren.

De musea krijgen er dan wel geen grote instellingen bij, maar ‘ik wil ook niet onbarmhartig zijn’, zegt minister Gatz. ‘Bij de volgende subsidieronde wil ik meer geld ter beschikking stellen van de musea, zodat ze een inhaalbeweging kunnen maken en een verdere doorgroei kunnen realiseren. Zo kunnen ze professioneler en op een hoger niveau werken. Een volgende keer kunnen ze dan misschien wel de sprong naar grote instelling maken. Ik denk dat het haalbaar is om vijf miljoen extra voor de musea uit te trekken.’

Voor de volgende subsidieronde hebben de musea ondertussen hun dossiers ingediend. Die gaan over de werkingsmiddelen voor de periode 2019-2023. De afwikkeling daarvan gebeurt dit najaar.