Jongeren in jeugdhulp in grote mate zelfdestructief
Foto: Dieter Telemans
De helft van de jongeren in de jeugdhulp denkt aan zelfdoding en/of ver­wondt zichzelf. Eén op de drie worstelt met ernstige emotionele problemen.

Het emotionele lijden bij jongeren in de Vlaamse jeugdhulp is groot. Dat blijkt uit een recent onderzoek van de KU Leuven, waarbij 271 jongeren tussen 10 en 21 jaar bevraagd werden. De helft van hen verbleef in een voorziening, een op de vijf in een pleeggezin.
30 procent van deze jongeren worstelt met ernstige emotionele problemen en ervaart duidelijke symptomen van depressie: ze geven aan dat ze ‘vaak ongelukkig en terneergedrukt zijn, en de neiging hebben om te huilen’. Of dat ze vaak bang zijn of zich helemaal in zichzelf terugtrekken. 

Bovendien zegt bijna 47 procent van de jongeren dat ze recent weleens gedacht hebben aan zelfdoding en/of zichzelf ooit al eens opzettelijk verwond hebben. In de groep die ouder is dan 13 jaar, stijgt dit tot 53 procent. De resultaten zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Child Abuse & Neglect.

‘We wisten al langer dat het niet zo goed gaat met jongeren die in de jeugdhulp verblijven’, zeggen de orthopedagogen Tara Santens en Guy Bosmans (KU Leuven). ‘Maar het was nog niet eerder zo concreet bevraagd. De cijfers verrassen ons nog.’

Geen vertrouwen

De onderzoekers wilden ook achterhalen wat dit lijden veroorzaakt. Daarom vroegen ze de jongeren naar de relatie met hun ouders. Vertrouwen ze erop dat ze begrip zullen ervaren als ze ergens boos om zijn? Vinden ze troost bij hun moeder of bij hun vader? 
De veronderstelling dat jongeren die denken dat ze geen gehoor zullen vinden bij hun ouders, meer lijden, werd bevestigd in het onderzoek.

Gebrek aan vertrouwen in de moeder verhoogt het risico op depressieve gevoelens. Gebrek aan vertrouwen in de vader verhoogt het risico op zelfverwonding en suïcidale gedachten.

Jongeren die wel vertrouwen hebben in een van beide of beide ouders blijken hier telkens beter tegen gewapend te zijn.

Erover spreken

Jongeren die aangeven dat ze met hun moeder kunnen spreken over problemen en slechte ervaringen, blijken volgens het onderzoek beter beschermd tegen depressieve gedachten en ook tegen zelfdestructief gedrag.

Jongeren in de jeugdhulp die een andere volwassene hebben met wie ze hun problemen kunnen delen, voelen zich ook beter in hun vel. Die ander kan een hulpverlener zijn, of een pleegouder of een ander familielid. Maar als jongeren een goede band met hun eigen ouders hebben, hebben ze niet echt behoefte aan nog een vertrouwenspersoon daar boven op. Dat zou toch maar tot een loyaliteitsconflict leiden.

‘De resultaten pleiten in het voordeel van veel goede dingen die vandaag in de jeugdzorg gebeuren’, zegt professor Guy Bosmans. ‘Maar het is toch nog altijd beter dat je eigen moeder en je eigen vader voor je kunnen zorgen. De les voor de jeugdhulp is dan ook dat er nog meer moet worden ingezet op het herstellen van de vertrouwensbreuk tussen jongeren in de jeugdhulp en hun ouders.’

‘Medicijn’

‘Ouders zijn niet de schuld van problemen bij kinderen, maar het gezin kan wel het medicijn zijn. Dat is het uitgangspunt van de Attachment Based Family Therapy, die we nog meer in de jeugdzorg willen aanbieden’, zegt Bosmans. 

‘Op vraag van het agentschap Jongerenwelzijn zijn we in 2009 gestart met de introductie van die familietherapie in thuisbegeleidingsdiensten. Helaas is die opdracht daarna snel weer stopgezet. Drie thuisbegeleidingsdiensten zijn er zelf mee aan de slag gebleven, tot tevredenheid van hun cliënten. Maar de middelen waren dermate beperkt dat zelfs zij het volle potentieel nog niet benutten. Recent zijn we met een opleiding gestart in Leuven: 21 jeugdbegeleiders volgen die. Jammer genoeg is dat maar een druppel op de hete plaat.’

Wie met vragen zit rond zelfdoding, kan terecht bij de Zelfmoordlijn op het gratis nummer 1813 en op de website www.zelfmoord1813.be.