Waarom medisch onderzoek jarenlang blind was
Foto: Yorick Jansens

Binnen het medisch onderzoek op school zal vanaf volgend jaar meer aandacht gaan naar de mentale gezondheid van kinderen en jongeren. Logisch, zegt kinderpsychiater Lieve Swinnen. ‘Het aandeel van mentale problemen zit stevig in de lift.’

De Vlaamse regering werkt aan een herziening van het medisch onderzoek voor scholen. Het aantal bezoeken tijdens de schoolloopbaan daalt van zeven naar vijf, maar naast het medische zal er meer aandacht naar het psychische welbevinden van leerlingen. En dat is een goede zaak, zegt kinderpsychiater Lieve Swinnen. ‘Er zijn dan ook meer problemen waar we aandacht voor moeten hebben.’

‘Kinderen groeien vandaag op in moeilijke omstandigheden, onder hoge druk. Ze komen terecht in een maatschappij met veel prikkels en hoge verwachtingen, waarin alles ook nog eens heel snel verandert. Neem daarbij het succes van de sociale media en je ziet hoe veel op hen afkomt. Terwijl de hersenen de voorbije twintig jaar niet plots anders zijn gaan functioneren. Kijk naar hoeveel schoolkinderen vandaag diagnoses hebben van mentale problemen. Het zou van blindheid getuigen als het medisch onderzoek alleen op fysiek welzijn zou blijven focussen.’

‘Hogere betrokkenheid ouders altijd goede zaak’

Maar hoeveel ruimte is er binnen de context van een medisch onderzoek waar heel schoollopend Vlaanderen passeert om gedegen mentale bijstand aan te bieden? Dreigt dat niet snel in bandwerk te vervallen? ‘Voor een uitgebreid gesprek zal daar natuurlijk geen ruimte zijn’, denkt Swinnen. ‘En dat kunnen we ook niet verwachten. Het zal om screening gaan, zoals die ook voor zwaarlijvigheid gebeurt. Zo zullen we problemen sneller op het spoor kunnen komen, waarna er doorverwezen kan worden naar verdere begeleiding.’

Volgens Swinnen kan het medisch onderzoek vooral interessant zijn om het over pesterijen en seksualiteit te hebben. ‘Misschien is het zelfs de enige plaats waar jongeren daarover nog openlijk kunnen vertellen.’ Voor het opsporen en aanpakken van depressie zullen vijf consultaties per jaar niet volstaan, vreest de psychiater.

Met de toename van aandacht voor het psychisch welzijn, groeit ook de betrokkenheid van de ouders. Zij zullen worden aangemoedigd om drie onderzoeken bij te wonen. Ook dat is logisch, zegt Swinnen. ‘Wij zien kinderen tijdens een eerste gesprek nooit zonder de ouders. Hun betrokkenheid verhogen, dat is altijd een goede zaak. Zolang de kinderen ook de kans krijgen om eens zonder hen hun verhaal te doen.’