In de Zevende Dag heeft minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) gereageerd op het feit dat advocaat Sven Mary de vrijspraak vraagt voor zijn cliënt Salah Abdeslam. ‘Twee straten te ver’, vindt Jambon. Mary vindt het dan weer onaanvaardbaar dat een minister zich uitspreekt over een zaak die hangende is.

Op het proces tegen Salah Abdeslam en Sofien Ayari – die terechtstaan wegens een gewelddadige confrontatie met de politie in Vorst in de nasleep van de aanslagen in Parijs in 2015 – vroeg advocaat Sven Mary donderdag de vrijspraak voor zijn cliënt Abdeslam wegens een procedurefout. Bij de aanstelling van een onderzoeksrechter is volgens Mary namelijk een inbreuk gepleegd op de taalwetgeving, waardoor de strafvordering onontvankelijk is en het hele onderzoek nietig, én Abdeslam bijgevolg moet vrijuit gaan.

Minister Jambon zei daarover in de Zevende Dag op Eén dat hij dat niet begrijpt. Volgens de minister moet een advocaat er voor zorgen dat iemand een correcte straf krijgt. ‘Dat Mary nu op zoek gaat naar procedurefouten, gaat er bij mij niet in’, aldus Jambon. ‘Dat gaat twee straten te ver.’ Volgens Jambon zou een procedurefout eventueel tot een nieuw proces mogen leiden, maar niet automatisch tot vrijspraak.

Eerder deze week had minister van Justitie Koen Geens zich eerder terughoudend opgesteld over de kwestie. ‘Het is aan de rechter om daarover te oordelen’, reageerde Geens. ‘Ik begrijp de verontwaardiging over het pleidooi, maar als minister mag ik er niets over zeggen.’

Mary bedreigd

Op sociale media waren de reacties minder bedaard. Daar kon advocaat Sven Mary nog mee om, maar met het feit dat ook zijn kinderen bedreigd werden, heeft hij meer moeite. ‘Uw kinderen zouden zelf moeten ontploffen, stond in een mail te lezen. Kijk, dan breekt het bij mij. Ik heb die persoon en alle andere “hoogdravers” teruggeschreven dat ze hun opgefokte praat hier bij mij thuis eens in mijn gezicht mogen komen aframmelen. Ik zal hen dan gepast van antwoord dienen, op mijn manier. Niemand van al die “sukkelaars” heeft na mijn wederwoord nog gepiept.’

‘Minister herinneren aan scheiding der machten’

Na zijn uitspraken is het tijd om de minister te herinneren aan de principes van de scheiding der machten, zegt Mary. ‘Het is onaanvaardbaar dat een minister in functie zich inlaat met een zaak die hangende is voor een rechtbank’, zegt meester Mary. ‘Op deze manier zet hij de rechtbank in een delicaat dossier, met een delicaat probleem, onder druk.’

‘Ik neem er ook akte van dat hij vindt dat er voor iemand als Salah Abdeslam geen vrijspraak mag gevraagd worden en stelt dat de advocaat er enkel moet op toezien dat er een juiste bestraffing volgt’, gaat meester Mary verder. ‘Dat klopt niet, een advocaat moet er in de eerste plaats op toezien dat de rechtsregels en procedure gerespecteerd worden, zelfs voor iemand als Salah Abdeslam. Met deze populistische uitspraken paait hij misschien een breed publiek maar dat is niet zijn taak als minister.’

‘Misschien moet de N-VA zich ook eens afvragen waarom er in Brussel geen tweetalige onderzoeksrechters meer zijn’, aldus nog de strafpleiter. ‘Dat is namelijk het gevolg van de splitsing van de Brusselse rechtbank van eerste aanleg in een Franstalige en een Nederlandstalige rechtbank.’