Francken: verhaal 'kroongetuige' klopt niet
Theo Francken Foto: Photo News
Staatssecretaris voor Migratie Theo Francken (N-VA) ontkent dat het verhaal van een kroongetuige onterecht uit het Soedanrapport is gehouden. Volgens hem klopte het verhaal van de man niet.

Directeur Koert Debeuf van het Tahrir-instuut merkte na de publicatie van het rapport van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen (CGVS) op dat de getuigenis van een man die zegt stokslagen te hebben gekregen ontbreekt in het document. Hij vond dat 'vreemd'.

Maar volgens Francken heeft de man zich enkele uren na zijn repatriëring gemeld bij de Internationale Organisatie voor Migratie om geld te vragen voor een reïntegratietraject. 'Hij kan niet tegelijkertijd in de gevangenis zitten, en zich melden', zei Francken daarover vrijdagavond in Ter Zake. Later in het onderzoek heeft de man geweigerd mee te werken. 'Dan weet je hoe laat het is'.

Het CGVS heeft ‘geen bewijzen’ dat teruggestuurde Soedanezen na hun terugkeer gefolterd werden, maar kan ook niet ‘met absolute zekerheid’ vaststellen dat de feiten niet hebben plaatsgevonden. ‘Het rapport zegt eigenlijk zelf dat de waarheid niet aan het licht is gekomen’, concludeerde Debeuf daaruit.

‘Enorme angst’

 Ook het Commissariaat-generaal voor de Vreemdelingen had ‘ernstige twijfels’ over de getuigenissen in het rapport van het Tahir Institute. ‘Maar ik geloof hun getuigenissen nog altijd', zegt Debeuf daarover. 'Wat is hun belang om over folteringen te liegen? Ik vind het kort door de bocht om op basis van twijfels over enkele delen van de getuigenis te concluderen dat zij in hun geheel niet te vertrouwen zijn.’

Van één iemand wist Debeuf dat hij verward was en tegengestelde verklaringen had afgelegd. Maar dat is volgens de directeur van het Tahrir Institute niet onlogisch. ‘Die mensen leven dan ook in in enorme angst’.

Stokslagen

Maar Volgens Debeuf hield de zogenaamde tweede getuige in het rapport van zijn instituut in zijn contact met het CGVS op 26 januari wel degelijk vol dat hij met stokken is geslagen. ‘Dat staat niet vermeld in het rapport en dat is vreemd’, aldus Debeuf, die aanwezig was bij dat contact via Whatsapp. Directeur Koert Debeuf van het Tahrir Institute is over het algemeen wel ‘heel blij met het rapport. ‘Dit zal leiden tot een betere procedure voor eventuele identificatiemissies’, aldus Debeuf.

Het Tahrir Institute lag met getuigenissen over folteringen bij teruggestuurde Soedanezen aan de basis van de politieke storm die losbarstte rond de komst van een Soedanese identificatiemissie, waarbij ambtenaren van het regime in Khartoem in België hielpen bij de identificatie van landgenoten die asiel weigerden aan te vragen en voor verwijdering in aanmerking kwamen.