Turkije start militaire interventie aan Syrische grens
(archiefbeeld) Foto: AFP

Turkije heeft zijn dreigement van een offensief tegen Afrin in daden omgezet, zegt de Turkse Defensieminister vrijdag. Die Noord-Syrische stad wordt gecontroleerd door Koerdische milities die door Ankara beschouwd worden als ‘terroristen’.

Turkije dreigt al dagen met een aanval op het Syrische district Afrin, dat gecontroleerd wordt door de Syrisch-Koerdische militie YPG, een verlengstuk van de Turks-Koerdische terreurbeweging PKK. De Verenigde Staten werken nauw samen met de YPG in de strijd tegen terreurgroep IS.

Erdogan stuurde de voorbije dagen al bijkomende troepen en tanks naar het grensgebied, en volgens de YPG hebben de Turkse strijdkrachten donderdagnacht ongeveer zeventig schoten gelost op Koerdische dorpen in de regio. Een cameraman van persagentschap Reuters kon filmen hoe er richting Afrin werd gevuurd vanuit de grensstad Sugedigi.

‘De militaire operatie is gestart zonder dat de grens werd overgestoken’, aldus de Turkse Defensieminister en vicepremier Nurettin Canikli. ‘Alle terreurnetwerken in het noorden van Syrië moeten uitgeschakeld worden. Er is geen andere mogelijkheid.’

De beslissing om Afrin aan te vallen, een kleine Koerdische enclave bij de Turks-Syrische grens, komt niet uit de lucht vallen. Turkije wil koste wat het kost een autonoom Koerdisch gebied aan zijn grens vermijden. In het district Afrin wonen 17.000 mensen.

De Syrische regering heeft donderdag gewaarschuwd dat Turkse gevechtsvliegtuigen zullen worden neergehaald indien ze Syrisch gebied bombarderen. ‘De Syrische luchtafweer beschikt weer over alle middelen’,  zei de Syrische viceminister van Buitenlandse Zaken Faisal Mekdad.