Gematigde leider afgeknald voor kantoor: dialoog tussen Serviërs en Kosovaren breekt af
Oliver Ivanovic Foto: AFP

In Kosovo ontwaakte vanmorgen met de eerste prominente politieke moord in jaren. Onbekenden schoten Oliver Ivanovic, een brugfiguur, dood.

De Servisch-Kosovaarse politicus Oliver Ivanovic werd vanochtend doodgeschoten in het Servische gedeelte van Mitrovica, een stad die nog steeds lange strikte etnische lijnen gescheiden is. De daders schoten Ivanovic met minstens 4 kogels neer vanuit een auto. Die werd later uitgebrand teruggevonden in de buurt.

In tranen op televisie

Ivanovic was één van de weinige Serviërs in Kosovo die gematigd omging met de etnische spanningen tussen Albanezen (90 procent) en de Servische minderheid in Kosovo. Hij werd omschreven als de ‘langstdienende en waarschijnlijk meest gerespecteerde politieke figuur in de internationale gemeenschap’. ‘Ik vrees dat de daders nooit gevonden zullen worden’, zei het Servische parlementslid Rasim Ljajic in tranen op televisie.

Ivanovic was gewaarschuwd: vorig jaar stak iemand al zijn auto in brand. ‘Sommigen horen niet graag wat ik te zeggen heb’, zei hij daarover. De politicus klaagde recent de druk vanuit buurland Servië op de Servische Kosovaren, om hen te laten stemmen op nationalistische, pro-Servische partij in de lokale verkiezingen. ‘Hun pogingen om de kiezers te beïnvloeden zijn onwettig,’ zei hij daarover. ‘De leiders van Servië proberen het kritisch denken hier uit te roeien.’

Onderhandelingen stopgezet

Servië aanvaardt de onafhankelijk van Kosovo niet. Het zou de lokale Servische minderheid in Kosovo daarom bespelen om zijn invloed te vergroten. Ivanovic was juist een brugfiguur: hij sprak Albaans en zetelde tussen 2004 en 2007 in het Kosovaarse parlement. Dat was zeer tegen de zin van Servië.

De moord heeft nu al belangrijke politieke gevolgen. Servië is weggelopen uit de door de EU geleide onderhandelingen met de Kosovaren. Die driedaagse gespreksronde moest leiden tot betere relaties. Maar de Servische delegatie vloog meteen terug van Brussel naar Belgrado vanwege de ‘terreurdaad’.

De Servische president Vucic voegde daar nog dreigend aan toe dat ‘als de Kosovaarse autoriteiten de daders niet vinden, dan zullen wij het doen.’