Theo Francken: ‘Ik, de Vlaamse Trump? Come again!’
Foto: Photo News

Staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) wordt in een artikel van The New York Times beschreven als ‘de Vlaamse Trump’. De staatssecretaris hoefde niet ver in het archief te zoeken naar een reactie, want recentelijk noemde The Washington Post hem nog een ‘anti-immigratie hardliner’.

De Soedan-affaire in ons land lijkt ook in de Verenigde Staten niet onopgemerkt voorbij te gaan. De gerenommeerde krant The New York Times publiceerde woensdag een artikel waarin wordt gesteld dat ‘aanhangers en critici Theo Francken “de Vlaamse Trump” noemen’. Daarmee doelt de krant op commentaren van CD&V-Kamerlid Eric Van Rompuy, die gelijkenissen zag tussen de communicatiestijl van de Amerikaanse president en de N-VA-staatssecretaris.

‘De 39-jarige Theo Francken staat bekend om zijn opruiende commentaren over migranten. In september 2017 excuseerde hij zich nog voor de term “opkuisen” bij een politieactie waarbij verschillende sans-papiers opgepakt werden. Die term werd xenofoob bevonden’, schrijft de krant.

‘Gastvrij volk maar duidelijke regels’

Francken stuitte op het artikel en reageerde op Twitter met ‘Come again?!’. Hij haalde voor de gelegenheid een videofragment van Terzake boven - ondertiteld in het Engels - waarin hij eerder reageerde op een artikel van The Washington Post. De krant noemde hem al een ‘anti-immigratie hardliner’.

‘Ik ben geen anti-migratie hardliner, zoals ik moet lezen in The Washington Post’, zegt Francken in de video. ‘Ik ben voor migratie op een goede, gecontroleerde manier. Wij zijn een gastvrij volk en dat moeten we ook blijven. Maar dat moet wel op basis van regels zijn die duidelijk zijn: zowel voor degene die komt als voor de ontvangende samenleving, zijnde wijzelf.’

‘Dertig jaar is het een puinhoop geweest en ik vind dat het duidelijk anders moet, met duidelijke regels, strikt toegepast en dus rechtvaardig, maar soms ook kordaat als het moet. De N-VA zal nooit een anti-immigratiepartij zijn en daar zal ik nooit aan deelnemen, want daar ga ik gewoon niet mee akkoord.’