De partijen die in het verleden voor eenzijdige onafhankelijkheid hebben gestreden, hebben geen meerderheid van stemmen. Toch hebben ze de meerderheid van de zetels in het Catalaanse parlement.

De partijen die zich tijdens de vorige legislatuur duidelijk hebben uitgesproken voor de eenzijdige onafhankelijkheid van Catalonië, hebben 47,49 procent van de stemmen behaald. Het gaat om de partij van de afgezette minister Puigdemont (JUNTSxCAT), de links Republikeinse ERC en de anarchistische CUP. Die 47,49 procent levert hen in het Catalaanse parlement 70 van de 135 zetels op, dat is een meerderheid.

Hoe komt dat?

De zetelverdeling voor het Catalaanse parlement is gebaseerd op oude gebruiken, toen het aantal zetels van een kieskring bepaald werd door de oppervlakte van het grondbezit. Dat heeft tot gevolg dat partijen in dunbevolkte gebieden minder stemmen nodig hebben om een zetel te behalen dan zij die in de dichtbevolkte steden opkomen. De provincie Barcelona heeft, in verhouding tot haar populatie, te weinig zetels in het Catalaanse parlement. De drie andere, meer landelijke provincies (LLeida, Girona en Tarragona) hebben dan weer te veel zetels in verhouding tot hun bewonersaantal. De FT heeft berekend dat een politicus in Barcelona dubbel zoveel stemmen moet behalen voor een zetel dan een politicus in de andere provincies van Catalonië.

De partijen die streven naar de onafhankelijkheid staan traditioneel sterker in de landelijke gebieden. Veel van hun kiezers zijn Catalanen die al generaties lang in Catalonië wonen. In een stad als Barcelona verblijven veel meer eerste of tweede generatie Catalanen, die hun armere regio’s in Spanje hebben verlaten om in de omgeving van Barcelona in de industrie- of dienstensector te werken.