Van elke euro maken universiteiten er zes
Foto: Fred Debrock
De Vlaamse universiteiten willen de overheid overtuigen van hun meer­waarde met de berekening dat ze zes keer meer opbrengen dan kosten.

De circa anderhalf miljard euro die overheden jaarlijks aan de vijf Vlaamse universiteiten uit­keren, levert onze economie bijna 10 miljard euro op. Dat besluit het Schotse adviesbureau BiGGAR Economics. Op vraag van de vijf Vlaamse rectoren heeft het de sociaal-economische impact van ons universitair landschap becijferd, een oefening die nooit eerder is gemaakt. ‘Onze impact wordt schromelijk onderschat’, gaf Luc Sels, de rector van de KU Leuven, al wel eerder aan.

Door te kijken naar brede economische parameters zoals uitgaven in de dagelijkse werking van universiteiten, bijvoorbeeld voor personeel of gebouwen, en de bestedingen van studenten, maar ook naar de valorisatie van onderzoek en hoeveel hoger het loon is van mensen met een universitair diploma dan dat van mensen zonder, tikt de teller aan tot bijna 10 miljard euro per jaar. 

Daarnaast stellen de universiteiten meer dan dertigduizend mensen rechtstreeks te werk. Met de onrechtstreekse tewerkstelling erbij loopt dat zelfs op tot meer dan negentigduizend. Die jobs ontstaan onder meer via de wetenschapsparken en incubators. De instellingen leiden ook 125.000 bachelor- en masterstudenten op.

'Motor samenleving'
Daar houdt het op niet op, betoogt Herman Van Goethem. De rector van de UAntwerpen en voorzitter van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (Vlir) wijst erop dat  mensen met een diploma hoger onderwijs langer leven, gezonder zijn en een hoger pensioen hebben. ‘Onze afgestudeerden zijn in vele opzichten een motor voor de opbouw van onze samen­leving.’ 
Met dit onderzoek willen de vijf Vlaamse rectoren een punt maken. ‘Wij vervullen een fundamentele rol in de samenleving’, zegt Van Goethem. 

Dat data zullen gebruikt worden om een memorandum op te stellen voor de Vlaamse en federale verkiezingen van 2019. Die tekst zal een forse waarschuwing bevatten. ‘Er is een erosie van de financiering aan de gang die heel problematisch wordt.   Door het niet volledig doorrekenen van de index, het niet proportioneel meestijgen van de financiering van het aantal studenten enzovoort.’
Van Goethem rekent de gevolgen daarvan voor: op dit moment zijn er ongeveer tienduizend studenten die niet gefinancierd worden door de overheid. ‘Dat begint op een niveau te komen dat we het moeilijk krijgen om onze basisopdracht te vervullen.’
Met andere woorden: de overheid moet een inspanning leveren. ‘Want wij willen niet inboeten op kwaliteit.’