Antwerp-coach Bölöni wil flauwe reeks stopzetten: “We moeten léren om thuis te winnen”
Foto: Photo News

Antwerp hoopt zaterdag op de drie punten in eigen huis. Tegenstander is Moeskroen, dat na een rampzalige reeks uit de top zes is getuimeld. Een haalbare kaart voor The Great Old, maar in eigen huis stokte de motor de laatste tijd. De cijfers spreken voor zich: twee op negen op de Bosuil. “We moeten eens léren om thuis te winnen”, sprak coach Laszlo Bölöni op de wekelijkse persconferentie.

“We moeten altijd voor winst gaan, zeker thuis. Maar daar ligt ook net de moeilijkheid, en wel omwille van enkele zaken. We moeten eens léren om thuis te winnen, zeker als we zo snel als mogelijk het behoud in eerste willen verzekeren. In Eupen wonnen we, in Standard pakten we een mooi punt, maar dat moet je nu verlengen door te bevestigen in eigen huis. Dan zal het echt goed zijn. Een gelijkspel is goed en stemt me best tevreden, zeker op verplaatsing. Maar je komt er niet echt ver mee. Thuis moet het dus beter, maar daar zullen we voor moeten werken”, weet Laszlo Bölöni.

“Maar het ontbreekt ons nog aan de laatste pass, om de lijn echt doortrekken. Het stokt altijd wel ergens op een bepaald moment. Rodrigues bijvoorbeeld, die maakt wel het verschil in een één tegen één situatie, maar de puntjes op de ‘i’ ontbreken dan. Als je trapt, moet het efficiënter zijn. Voor Ardaiz geldt dat ook.”

“Niet veel meer nodig”

“Om in eerste te blijven, hebben we niet veel meer nodig. Maar onze wortels moeten steviger in de grond staan in deze club. In alle geledingen moeten we hier sterker worden, zeker als je na dertien seizoenen weer in eerste staat. Er moet nog meer vooruitgang komen binnen de club, op elk gebied: qua infrastructuur, technische en medische staf én spelersgroep.”

“Dat de groep wat vermoeid oogt? Niet echt, denk ik. Dit is Engeland niet, hé. Bovendien liggen we uit de beker - we speelden er maar twee matchen - en spelen we geen internationale wedstrijden. Zeventien competitiematchen hebben we achter de rug, dan ligt het mindere niveau bij sommigen niet aan vermoeidheid. Het is iets anders, dus we zoeken verder. Dat doe ik al even, maar ik wil alles verbeteren. Het aanpassen blijft maar duren, door allerlei omstandigheden.”

“Duel in de kleedkamer moet gewonnen worden”

Antwerp heeft ook af te rekenen met veel geblesseerden. “Ik denk dat N’Diaye als eerste terug op post zal zijn”, begon de Roemeen nog positief tijdens zijn persbabbel. “Sall volgt binnen dit en tien à veertien dagen. Arslanagic blijft dan weer nog even out, terwijl Oulare en Stojanovic pas na Nieuwjaar opnieuw fit zullen zijn. Dat zijn allemaal jongens die toch enorm veel tijd zullen hebben verloren. Sommigen kunnen maar niet het duel in de kleedkamer winnen.”

“Een jongen als N’Diaye was vorig seizoen al lang geblesseerd, maar sleept ook een verleden van blessures met zich mee. Dat geldt ook voor Oulare. Overal waar hij kwam, was er wel eens een letsel”, jammerde Bölöni niet voor het eerst dit seizoen. Vooral Stojanovic baart de coach grote zorgen: “Hoe kan ik nu over die jongen oordelen, ik heb hem nog niets zien doen. Een paar trainingen, ja, maar dat is nog wat anders dan wedstrijden in competitie, hé. Of sommigen moeten vertrekken tijdens de winter? ‘Moeten’ is niet het juiste woord, maar sommigen mogen dat, ja. Voor elke partij zal het beter zijn, vooral omdat sommigen het duel in de kleedkamer maar niet kunnen winnen. Maar dat zijn zaken die ik doorpraat met D’Onofrio en De Decker.”