En toen waren de archaeopteryxen nog met elf
Een Archaeopteryx, getekend weliswaar. Foto: BELGAIMAGE

Archaeopteryx is wereldberoemd als de ‘tussenvorm’ tussen de klassieke dinosaurussen en de vogels. Wereldwijd zijn er slechts twaalf exemplaren van bekend. Eén van die twaalf blijkt nu van een nóg vroegere soort te zijn.

Teylers Museum in Haarlem heeft geen geluk met zijn fossielen. De archaeopteryx in de collectie werd pas na 120 jaar als dusdanig herkend. Nog eens veertig jaar later blijkt die herkenning toch niet helemaal juist. In het voordeel van Teylers, want hun fossiel is nu nog zeldzamer dan het al was. Twee Duitse paleontologen vergeleken het fossiel – ter grootte van een duif – met recente Chinese vondsten. Het blijkt beter op zijn plaats te zitten aan een tak iets verder omlaag in de dinosaurus-vogelstamboom, 150 miljoen jaar geleden, tussen de bekende archaeopteryx en de kleine roofdinosauriërs in.

Toen het fossiel in de jaren zeventig herkend werd als een oervogel, viel het de onderzoekers al op dat het een tikje afweek van de andere archaeopteryxen. Zo hadden enkele botjes in de vleugel net wat andere lengte-verhoudingen, en ook de vorm van het schaambeen week iets af.

Het fossiel van Teylers is een verwant van de Chinese anchiornis, zeggen de Duitsers nu in het vakblad BMC Evolutionary Biology. Daarmee is het meteen het eerste lid van die groep dat buiten Azië werd aangetroffen.

Het dier kreeg de nieuwe naam ostromia. Naar John Ostrom, die het indertijd bij de archaeopteryxen klasseerde, maar wel al had gezien dat het er iets van afweek.