Uitspraak over ozontherapie nog niet gevallen
Themabeeld bloedstalen Foto: EPA

De correctionele rechtbank van Leuven heeft dinsdag nog geen uitspraak gedaan in het proces tegen de zogenaamde ozondokter. In een tussenvonnis werd een deskundige aangesteld.

Chris M., de 53-jarige arts uit Rotselaar die twintig sporters uit zes disciplines gedurende vier jaar behandelde met ozontherapie, kent nog steeds zijn lot niet. Het voor dinsdag geplande vonnis kwam er niet omdat de rechtbank bijkomend voorafgaand advies wil inwinnen. In een tussenvonnis werd Wim Develter, forensisch geneesheer van UZ Leuven, aangesteld als expert.

‘We willen antwoord op de vraag of de toegepaste bloedtherapie medisch gezien een methode is om te manipuleren’, stelde voorzitster Françoise Verstraete. ‘Het gaat om de therapie waarbij bloed wordt afgenomen, vervolgens behandeld met ozon en nadien deels weer in het lichaam of het bloed wordt gebracht.’

De rechtbank bestempelt ozontherapie dus nog niet als bloeddoping. Dokter Develter krijgt vier maanden de tijd om zijn verslag te maken. De zaak wordt opnieuw in behandeling genomen op 8 mei 2018.

Voor Pascal Nelissen Grade, een van de twee advocaten van Chris M., kwam de beslissing van de rechtbank als een verrassing. ‘De rechtbank twijfelt wat mag en niet mag. De expert moet oordelen of de behandeling wettelijk geldig is, zoals wij gepleit hebben. In de vier jaar van het onderzoek hebben wij duidelijk aangegeven wat onze cliënt per sporter gedaan heeft. Ik zeg niet dat het onderzoek niet goed gevoerd is maar er is wel voldoende informatie beschikbaar om tot een oordeel te komen. Of ozontherapie toegelaten is bij sporters is na vandaag nog steeds niet duidelijk.’

Hamvraag is of het toedienen van ozon in de bloedbaan, de intravasculaire methode, al dan niet toegestaan is. ‘Het hangt af van de interpretatie van de wet of dat kan en mag’, zegt Nelissen Grade. De raadsman stelt het nut van de expertise openlijk in vraag. ‘De volgende vier maanden wordt die expertise tegensprekelijk uitgevoerd, dus in aanwezigheid van onze cliënt.’

De deskundige kan eventueel te rade gaan bij het Wereldantidopingagentschap (Wada). Dat liet al in 2009 wetenschappelijk onderzoek doen naar ozontherapie in de sport. De conclusie was toen dat een prestatiebevorderend effect niet kon worden vastgesteld. De vereniging van Sport- en Keuringsartsen (SKA) bestempelt ozontherapie dan weer wel ondubbelzinnig als doping omdat het opnieuw ingebrachte bloed gewijzigd en verrijkt is.