Vrouwen worden minder vaak gereanimeerd door vreemden

Vrouwen worden minder snel door vreemden op straat gereanimeerd dan mannen. Dat blijkt uit een Amerikaans onderzoek. Omstanders zouden minder snel geneigd zijn om een vrouw te reanimeren, uit angst om haar borsten aan te raken.

Onderzoekers van de universiteit van Pennsylvania bestudeerden bijna 20.000 gevallen van mensen die een hartstilstand kregen in openbare ruimte. Van de mannen die een hartstilstand kregen, werd 45 procent geholpen door een niet-professionele omstander. Bij de vrouwen lag dit percentage slechts op 39. Mannen hadden daardoor 23 procent meer kans te overleven.

Van het verschil was echter geen sprake meer bij hartstilstanden in huiselijke kring. Omdat de hulpverlener in die gevallen vaak een bekende is van het slachtoffer.

Ook is er gekeken naar gevallen waarbij de hartstilstand in huiselijke kring plaatsvond. Van het eerder gevonden verschil was in huiselijke kring geen sprake. Doordat de hulpverlener in deze gevallen vaak een bekende is van het slachtoffer, zou de eerder genoemde angst in die situatie minder spelen.

De onderzoekers stellen overigens dat de angst om borsten aan te raken ongegrond is. De handen moeten namelijk op het borstbeen geplaatst worden, niet op de borsten zelf. Toch roepen de onderzoekers op tot aanpassing van reanimatie-cursussen. Momenteel wordt er vooral geoefend met mannelijke reanimatie-poppen. Oefenen met een vrouwelijke variant zou de angst weg kunnen nemen.