Thuisleveringen hebben zware impact op mobiliteit en milieu
Foto: Hollandse Hoogte
Op het net kopen is comfortabel, maar er hangt een prijskaartje aan door files, ongevallen en vervuiling. De 150.000 dagelijkse leveringen in ons land kosten de samenleving veel geld.

Wat je vandaag bestelt, wordt morgen bij je thuis geleverd. De troeven van het shoppen via het internet, e-commerce in vaktaal, kunnen meer dan zes op de tien Belgen bekoren.

Hoe comfortabel ook, de internethandel heeft maatschappelijke gevolgen die niet altijd positief zijn. Economisch geograaf Joris Beckers van de Universiteit Antwerpen buigt zich voor zijn doctoraat over het effect dat e-commerce heeft op onze steden. Hij doet dat samen met Ivan Cardenas. Hun focus ligt op de ‘last mile’, het laatste transport van het verdeelcentrum naar de klant.
De effecten van die leveringen zijn overal zichtbaar. Terwijl er vroeger met één vrachtwagen op een bepaald tijdstip werd geleverd, zie je tegenwoordig de hele dag overal bestelwagens. Ook in afgelegen dorpen.

De gemiste leveringen, als de klant niet thuis is, dragen ook bij tot de boom in pakjesverkeer. Sommige besteldiensten komen twee of drie keer terug. Uit Beckers’ gegevens (een beperkte periode van één marktspeler) blijkt dat acht procent niet afgeleverd kan worden. Op sommige plekken loopt dat op tot meer dan een kwart. De ene pakjesdienst komt maar één keer aanbellen, andere komen twee tot drie keer terug. 

Gratis bestaat niet

De website van de aanbieder afficheert vaak ‘gratis’ levering, maar er hangt aan transport uiteraard wel een prijskaartje, ook als de klant daar niet voor opdraait. Beckers en Cardenas konden berekenen wat zo’n levering kost, of toch die laatste kilometer. Zij kwamen uit op een gemiddelde prijs van 3,74 euro per stop. In de stadscentra van Antwerpen en Brussel neemt die gemiddelde kostprijs af tot 1 à 1,5 euro.

Maar die prijs is berekend zonder de maatschappelijke kosten. Transport voor e-commerce draagt bij tot files, verkeersongevallen, luchtvervuiling, geluidsoverlast en klimaatverandering. Die ‘externe’ kosten begroten de onderzoekers op 26 eurocent per pakje in de dichtbevolkte gebieden (zeg maar de Vlaamse Ruit). In de schaarser bewoonde regio’s van de Ardennen loopt het op tot meer dan een euro per pakje.

Dat kan vreemd klinken, want precies in de stedelijke gebieden is er meer goederenverkeer en meer bevolking om er hinder van te ondervinden. ‘Voor het bedrag per item wegen de extra kilometers die je in Wallonië tussen twee stops moet afleggen, zwaar door’, verklaart Beckers. ‘Maar als je dat afzet tegen het grote aantal pakjes dat in een stad vervoerd wordt, krijg je een ander plaatje. Dan zijn de steden goed voor de helft van de maatschappelijke kosten van de e-commerce.’

In ons land gebeuren er naar schatting minstens 150.000 leveringen per dag, door alle leveranciers samen. ‘Gerekend met een  gemiddelde maatschappelijke kostprijs van 30 cent per pakje, komen we op 45.000 euro per dag over heel België’, zegt Beckers.

Te voet

Moeten we die prijs via een belasting doorrekenen aan handelaars of transporteurs? Beckers: ‘Dat kan de overheid overwegen en tot op zekere hoogte betalen zij al een kilometerheffing voor vrachtwagens. Maar de bestelwagens die de laatste kilometer overbruggen vallen daar voorlopig nog buiten. Vergeet niet dat de e-commerce ook positieve effecten heeft op de economie.’

Er is sowieso regulering nodig, vindt professor Ann Verhetsel, de promotor van Joris Beckers. ‘De overheid moet dit fenomeen in goede banen leiden. Dat kan door de toegelaten levertijden te beperken. Of door infrastructuur aan te bieden voor een centraal lever- en ophaalpunt voor alle pakjesdiensten. Zo heeft Mechelen lockers in het station.’

Overal in de wereld beweegt er wat. In Londen en New York parkeren chauffeurs hun bestelwagen op één plek en ze doen de leveringen te voet.

Parijs heeft hôtels logistiques opgericht, afgebakende zones voor logistiek en e-commerce. Zo wil de Franse hoofdstad het fenomeen faciliteren en tegelijk onder controle krijgen. Thuisleveringen van boeken zijn in Frankrijk overigens afgenomen nadat de overheid opgelegd had dat er voor betaald moest worden