Twee Belgen nog steeds in kritieke toestand
Foto: REUTERS
Bij de aanslag met een busje in New York kwam dinsdag één Belg om het leven en raakten drie anderen gewond. Twee van hen verkeren woensdag nog steeds in kritieke toestand. De Belgische regering buigt zich binnenkort over de erkenning van de aanslag als terreurdaad.

In het zuidwesten van Manhattan, in de Amerikaanse stad New York, is een man dinsdag met een bestelbusje ingereden op voetgangers en fietsers. Er vielen acht doden en tientallen gewonden. Eén van de dodelijke slachtoffers was de 31-jarige Ann-Laure D., die een man en twee zoontjes nalaat.

Onder de tientallen gewonden bevonden zich ook nog eens drie Belgen. Twee van hen verkeren een dag na de feiten nog steeds in kritieke toestand. Dat meldt VRT op basis van het Belgische consulaat-generaal. Bij de Belgische ambassade in Washington wordt persagentschap Belga voor bevestiging doorverwezen naar Buitenlandse Zaken en het Belgische consulaat-generaal, maar daar is al een hele tijd niemand bereikbaar voor commentaar.

De drie gewonden behoren allemaal tot hetzelfde gezin. Het zou gaan om een vader, een moeder en hun zoon. De zoon zou lichtgewond zijn, moeder en vader heel ernstig gewond. Een neefje dat ook deel uitmaakte van het gezelschap, is ongedeerd.

 

Erkenning

De federale regering buigt zich op één van de komende ministerraden over de erkenning van de aanslag in Manhattan als terreurdaad. Dat valt woensdagavond te horen op het kabinet van premier Charles Michel. De erkenning per koninklijk besluit is belangrijk voor de Belgische slachtoffers om in aanmerking te komen voor het nieuwe statuut van nationale solidariteit.

Het nieuwe statuut werd ingevoerd in nasleep van de aanslagen van 22 maart 2016 in Brussel. Het opent onder meer de deur naar een herstelpensioen en de terugbetaling van medische en psychologische kosten. Met het oog op een snellere behandeling van aanvragen in kader van erkende terreurdaden, worden dossiers ingediend bij het Slachtofferfonds ook meteen als geldig beschouwd. Zo moeten slachtoffers maar één keer een dossier indienen.

Het koninklijk besluit met de erkende terreurdaden regelt voorts wettelijk dat slachtoffers van de betrokken aanslagen geen klacht meer moeten indienen om zich burgerlijke partij te stellen om aanspraak te kunnen maken op een financiële hulp. De Belgische tussenkomst blijft wel beperkt tot slachtoffers met de Belgische nationaliteit en mensen die een duurzaam verblijf in België kunnen aantonen.