Tillerson brengt ook verrassingsbezoek aan Bagdad
Foto: AFP

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson heeft na zijn bezoek aan het Afghaanse Kaboel ook onaangekondigd zijn opwachting gemaakt in Irak. In Bagdad had hij een ontmoeting met premier Haider al-Abadi, met wie hij sprak over de strijd tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS) en het conflict met de Koerdische Autonome Regio.

Over de Iraaks-Koerdische crisis gaf Tillerson te kennen dat hij ‘bezorgd en een beetje bedroefd’ is. ‘We hebben vrienden in zowel Bagdad als Erbil en we moedigen beide partijen aan om gesprekken aan te knopen en in dialoog te treden’, zei de Amerikaanse buitenlandminister tijdens zijn kort bezoek. Tillerson riep op tot een ‘verenigd Irak’, noodzakelijk voor een ‘veilige en welvarende toekomst’.

Bagdad en Erbil zitten op ramkoers nadat de Koerden eind vorige maand - zeer tegen de zin van het centrale gezag - een onafhankelijkheidsreferendum hadden georganiseerd. Het Iraakse leger nam vorige week daarom opnieuw de controle over door Koerden gecontroleerde gebieden, met name Kirkoek. De provincie behoort tot de olierijkste gebieden in Irak en valt officieel buiten de Koerdische Autonome Regio. In de zomer van 2014 namen de peshmerga’s controle over de provincie, nadat het Iraakse leger er was gevlucht voor terreurgroep Islamitische Staat (IS).

‘Buitenlandse strijders moeten weer naar huis’

Tillerson verdedigde in Bagdad ook de uitspraken die hij enkele uren eerder in het Saudi-Arabische Riyad deed over Iraanse milities in Irak. ‘De Iraanse milities die in Irak zijn moeten, nu de strijd tegen Islamitische Staat zijn einde nadert (...) terugkeren naar huis. Alle buitenlandse strijders moeten weer naar huis gaan’, zo verklaarde Tillerson nog.

Bij de gevechten waarbij het Iraakse leger grondgebied heroverde op IS, heeft het Iraakse leger in grote mate een beroep gedaan op Hashd al-Shaabi. Die organisatie - ook bekend als PMF (Popular Mobilization Forces) - telt ongeveer 60.000 strijders en overkoepelt verschillende sjiitische milities die doorgaans de steun krijgen van Teheran.

De uitspraak kon op veel kritiek rekenen van al-Abadi, die te kennen gaf dat Hashd al-Shaabi ‘een instituut is afhankelijk van de Iraakse staat’ en dat er ‘geen enkele buitenlandse macht’ strijd voert in Irak. Hij benadrukte daarnaast dat ‘geen enkele partij het recht heeft om tussen te komen in Iraakse zaken of om de Irakezen te zeggen wat ze moeten doen’.