Voor het eerst is een bruggetje uit de 3D-printer gerold. De nieuwe techniek is goed voor het milieu. Maar bouwvakkers zullen zich moeten omscholen.

Met goed 30.000 inwoners is Gemert slechts een prik op de kaart, even ten noordoosten van Eindhoven. Maar sinds gisteren kan het bogen op een wereldprimeur: de eerste brug die uit een 3D-printer rolde. 

Eigenlijk is het maar een bruggetje, slechts acht meter lang en alleen bestemd voor fietsen. ‘Maar het is wel uniek’, zei Theo Salet van de Technische Universiteit Eindhoven gisteren bij de inhuldiging aan de NOS. Wetenschappers bouwden drie maanden aan de brug, samen met het bouwbedrijf BAM Infra.

Deze brug bestaat uit gewapend beton. Volgend najaar wordt een stalen exemplaar over een Amsterdamse gracht geplaatst. Maar het blijft niet bij kleine constructies. In de provincie Groningen wordt al volop gewerkt aan een betonnen autobrug van twintig meter lang en acht meter breed. En binnenkort start de Eindhovense universiteit met huizen uit geprint beton, zoals dat in China al gebeurt.

Minder onderhoud

 Bij geprint beton gaat minder beton verloren dan bij de oude werkwijze. Ook heeft een geprinte betonnen brug minder onderhoud nodig dan een brug die op de normale manier gebouwd wordt. 

Er moeten minder grondstoffen en minder afgewerkte producten vervoerd worden. De printtechniek is dus goed voor het ­milieu. Maar wat dan met de werkgelegenheid?

Bouwvakkers hoeven volgens professor Salet niet bang te zijn. ‘Het storten van het beton is met deze methode niet meer nodig, maar straks zijn er weer mensen nodig om de robots te bouwen en te onderhouden. Wel zullen mensen zich moeten omscholen.’