Crevits breidt toelatingsproeven uit
Foto: BDW

Voor burgerlijk ingenieurs en de studie diergeneeskunde komt er een verplichte, niet-bindende toelatingsproef.

De bekendste toelatingsproef is die voor artsen en tandartsen. Daar gaat het om een verplicht en bindend examen, dat nu wordt herzien. Voortaan zullen de hoogst gerangschikten kunnen beginnen aan de studie en er komt ook een apart examen voor artsen en voor tandartsen. De nieuwe regeling maakt het mogelijk om het toelatingsexamen iets minder onmenselijk moeilijk te maken en het beter te laten aansluiten bij de eindtermen van het secundair onderwijs.

De Vlaamse regering heeft vrijdag beslist over de concrete invulling. Op 3 (artsen) en 4 juli (tandartsen) zullen de studenten hun examen kunnen afleggen. De 1.102 hoogst geklasseerde studenten zullen aan de studies geneeskunde kunnen beginnen, na het examen tandarts worden de 135 hoogst geklasseerde studenten toegelaten.

‘Het is belangrijk dat we studenten nu al duidelijkheid verschaffen’, zegt Crevits. ‘Op de website van het toelatingsexamen (www.toelatingexamenartsentandarts.be) is nu al een overzicht beschikbaar van voorbereidende lessen aan de universiteiten.'

Tv-programma’s

Maar ook voor andere opleidingen worden toelatingsproeven meer en meer verplicht, al zijn ze niet bindend zoals voor arts en tandarts: wie niet slaagt kan toch nog aan de studies beginnen. Een dergelijke toelatingsproef bestaat nu al voor de lerarenopleiding, maar wordt uitgebreid naar de wetenschapsrichtingen, te beginnen bij burgerlijk ingenieur, waar nu al een ijkingstoets bestaat, en naar diergeneeskunde.

Die laatste richting dreigt het slachtoffer te worden van allerhande tv-programma's met dieren. Diergeneeskunde trekt nu meer en meer studenten aan waarvan een aanzienlijk deel niet echt geschikt is. Bovendien trekt de opleiding aan de UGent ook erg veel nederlanders aan, waardoor de faculteit de toevloed niet meer dreigt aan te kunnen. Bovendien gaat het om een dure studie waarbij een betere selectie aangewezen is.

Crevits heeft van de universiteit een ‘zeer nadrukkelijke vraag’ gekregen om in te grijpen. Ze wil met de diergeneeskunde op een vergelijkbare manier tewerkgaan als met de lerarenopleiding. Als het kan, komt er volgend academiejaar al een proef na de inschrijving aan de universiteit. Het jaar daarna wordt er voor de inschrijving getoetst.