Winstgevend beleggen in aandelen, les 1: laat je niet gek maken
Themabeeld Foto: AP

Aandelen zijn, zoals hun naam aangeeft, een ‘aandeel’ in de toekomstige winst van een bedrijf. Beursexpert Dirk Vandycke legt het verschil tussen technische en fundamentele analyse uit.

Op de beurzen wereldwijd worden aandelen verhandeld van tienduizenden bedrijven. Wie aandelen koopt hoopt daar beter van te worden. Doordat die effecten in waarde, of toch minstens in prijs, stijgen. Of doordat het bedrijf achter die koersnotering een deel van haar winst uitkeert aan de aandeelhouders in de vorm van een dividend.

Een massa factoren kan de prijs van aandelen beïnvloeden. Sommige raken alle beurskoersen. Zoals de rente, want als die hoger klimt gaan beleggers meer in obligaties beleggen dan in aandelen. Niet in het minst omdat obligaties minder risico inhouden. Dan vlucht geld uit aandelen naar vastrentend papier. Maar ook macro-economische vooruitzichten, nieuws (en hoe dat gebracht wordt), wereldgebeurtenissen (en hoe ze gefilterd worden) en zelfs politiek en het weer kunnen hun invloed hebben. We laten deze markt-specifieke zaken voor dit artikel buiten beschouwing.

We richten ons op bedrijfsspecifieke elementen. De winstvooruitzichten van het bedrijf (toekomst), de winstcijfers van het bedrijf (heden) en de evolutie van die winst (verleden). Wie het reilen en zeilen van het bedrijf achter het aandeel in beschouwing neemt, doet aan fundamentele analyse, zoals dat heet. Maar gek genoeg blijken ook de koerscapriolen zelf het toekomstig verloop van de koers te bepalen. Het bestuderen van die koersevolutie op zich lijkt dus ook de moeite waard. Dan zitten we in het kamp van de technische analyse. Meningen over welk van beide analysevormen het meest verdienstelijk is, lijken danig verdeeld en vaak sterk gepolariseerd. Wat valt er over te zeggen en zijn beide te rijmen?

Fundamentele analyse

Bij fundamentele analyse tracht men het bedrijf achter het aandeel te begrijpen. Heel wat moeilijker dan men zou verwachten. In wezen een eenvoudig idee nochtans, want op lange termijn moet de aandelenkoersevolutie gelijklopen met de winstevolutie. Maar op kortere termijn blijken sterke en zelfs langdurige afwijkingen tussen beide op te kunnen treden. Die moet men kunnen uitzitten of zien als opportuniteit. Fundamentele analyse betekent misschien nog in het minst het doornemen van de boekhouding en de resultatenrekening van een bedrijf. Want die zaken vertellen enkel het heden. Fundamentele analyse betekent het hele bedrijf proberen te begrijpen. Soms zijn de interessantste cijfers degene waar geen belegger naar kijkt. Een bedrijf dat veel belastingen betaalt moet veel winst hebben. Dat wordt bovendien ‘gratis’ gesuperviseerd door een gans overheidsapparaat. Een bedrijf dat op papier veel winst maakt maar nooit belastingen betaalt kan (maar hoeft niet) verdacht zijn. Net als een bedrijf dat veel winst maakt maar geen dividenden uitkeert of een bedrijf dat veel geld ophaalt maar geen duidelijke bestemming heeft voor dat geld. Een bedrijf dat veel investeert zal er minder aantrekkelijk uitzien voor een haastige belegger. Maar die investeringen zullen op termijn hun vruchten afwerpen. Ook het gewicht van de managementpiramide en hoeveel geld die afroomt, is belangrijk. Het marmer van het hoofdkantoor wordt misschien wel door de klanten betaald, maar vreet evenzeer aan de winst.

Geen simpele betrachting die fundamentele analyse. Zeker lucratief! Maar alsof alle bovenstaande niet genoeg is loopt de fundamentele analist het grootste gevaar door ‘sunk cost effects’. Hoe meer tijd (of geld) men in een betrachting steekt, hoe moeilijker het wordt om te aanvaarden dat dit gaandeweg een slecht idee blijkt. Het gevaar, met andere woorden, om verliefd te worden op het bedrijf waarin je zoveel tijd hebt gestopt.

Technische analyse

Technische analyse daarentegen pretendeert ook op kortere termijn het koersverloop van een aandeel te kunnen voorspellen. Waar fundamentele analyse op zoek is naar waarde, beperkt technische analyse zich tot prijs (de koers). Dit impliceert dat koersen zich in zeker mate ‘voorspelbaar’ gedragen. Dat de beurs een geheugen heeft. Het wordt ridicuul als dit tot in het absurde wordt doorgetrokken. Maar in de kern zit er iets waardevols. Mensen (en hun gedrag) zijn voorspelbaar. Zeker bij extremen. Op een historisch laagste koers weten we dat niemand winst heeft op z’n aandelen en dat voelt nooit leuk aan. Aandelenkoersen zijn ook onderhevig aan een vorm van zwaartekracht. Ze kunnen veel sneller omlaag dan omhoog. Want een hogere koers betekent dat iemand meer geld op tafel heeft gelegd. En (ver)kopers lokken meer (ver)kopers, wat op zich de motor vormt voor trends als men het opdient met een door media mee gehypet sausje.

De grote gevaren in de hoek van technische analyse zijn een zelf vervullende profetie en de illusie van controle. Als genoeg mensen een menselijk gelaat in een wolk zien, maakt dat nog niet dat er echt een mens door de lucht zweeft. Maar als genoeg mensen geloven dat er brand is, zelf al is er geen, kunnen er ongelukken gebeuren. Wat een groep zich gaat inbeelden, krijgt een echt karakter. Een groepsillusie. Een makkelijk voorbeeld van illusie van controle is het feit dat mensen voor hen betekenisvolle cijfers invullen op een lottoformulier. Verjaardagen bijvoorbeeld. Ze hebben daarmee controle over wat ze invullen, maar niet over het resultaat van de trekking. Zo ook kan het rekenen met historische reeksen cijfers, zoals koersen, leiden tot de illusie dat men daarmee controle krijgt over het verder verloop van die reeks.

Veel van de tegenkanting tegen koers of technische analyse komt door de ‘voodoo-hoek’ van dat technische analyse wereldje. Dat is de pseudowetenschap gebaseerde pareidolia: de wetenschappelijke naam voor het toekennen van een betekenis aan een patroon, zoals wolkfiguren. Maar hiermee spoelt men het kind samen met het badwater weg.

Goede technische analyse zoekt een antwoord op de vraag hoe mensen zich voelen en gedragen. Dat het zich louter op historische koersen baseert behoort geen verwijt te zijn. Elke vorm van technische analyse heeft enkel cijfers uit het verleden en modellen voor de toekomst. Het is nog niet omdat een barometer het weer van morgen niet met zekerheid kan voorspellen, dat het een nutteloos instrument is.

Over ‘evidence-based technical analysis’, zeg maar de wetenschappelijke methode toegepast op technische analyse, is er het gelijknamige en lijvige werk van Prof. David Aronson.

Een pot nat?

Terwijl de aanhangers van de ene vorm van analyse die van de andere vorm vaak ridiculiseren of proberen te bekeren, kan men zich beter afvragen waar beiden mee bezig zijn. Als we de beurs zien als een zwarte doos die informatie en gedrag kneedt tot beurskoersen, dan kan men onderstaande tekening maken.

Winstgevend beleggen in aandelen, les 1: laat je niet gek maken
Foto: rr

Terwijl fundamentele analyse aan de ingang meet, doet technische analyse dat aan de uitgang. Voor beiden valt iets te zeggen. In wezen zijn ze niet meer dan twee extremen van eenzelfde spectrum. Beide gebruiken informatie uit het verleden om een beslissing te nemen voor de toekomst. Fundamentele analyse heeft oorzakelijke informatie die robuuster is op lange termijn, maar van een veelheid waarin men kan verzuipen. Bovendien heeft het pas typisch per kwartaal nieuwe informatie om beslissingen bij te sturen. Technische analyse heeft als voordeel dat het met veel minder informatie werkt en meteen de consensus meet van zowel informatie als de perceptie daarvan door de mensen. Misschien niet de markt maar wel de prijs heeft altijd gelijk. Het meet bovendien ook het effect van de feedback lus, waarin gedrag van mensen naar aanleiding van de output (koersinformatie) terug het systeem kan beïnvloeden. Koersinformatie hebben we bovendien elke dag, zelfs elke minuut als we dat willen. Soms een zegen, vaker een vloek.

Waarom analyseren we?

Nemen we even afstand dan wordt het snel duidelijk dat de rol van analyse zelf in het beleggingsproces ter discussie staat. Op onderstaande tekening heb ik links 0% winnaars geplaatst en rechts 100% winnaars. Op de verticale as de inspanning die we moeten leveren om aan dergelijke percentages te raken. Ongeacht de grootte van de inspanning is 100% onbereikbaar. Wie dat toch beweert slaat altijd raak en kan blijkbaar de toekomst voorspellen. Maar het is evident dat wie meer winnaars wil scoren, een inspanning zal moeten doen. Anders kan iedereen zonder moeite opschuiven naar rechts (free lunch). De Inspanning die we dus moeten leveren om steeds meer zekerheid te krijgen (meer winnaars), moet stijgen maar zal asymptotisch 100% benaderen. Een exponentieel verloop dus.

Winstgevend beleggen in aandelen, les 1: laat je niet gek maken

Dit betekent dat wat ook de inspanning is om van 30 naar 40 procent winnaars op te schuiven, voor een verschuiving van 40 naar 50 een veelvoud zal nodig zijn van die inspanning. De poging om op die steile helling te fietsen is waar analyse om draait. Elke vorm van analyse dient om betere beslissingen te nemen (en dus meer winnaars te behalen – de juiste aandelen te kopen).

Wat hebben we vandaag geleerd?

Analyse heeft nut. Maar de meerwaarde ervan neemt af met de hoeveelheid ervan. Een eerst ruwe analyse biedt meer nut dan een detailspreadsheet met elk bedrijfscijfertje, elke minuut koershandel en dies meer. De belangrijkste kern van analyse zal het grootste nut opleveren en tegelijk het minst werk of tijd vergen.

Staar je dus niet te blind op analyse, want het is maar een (klein) elementje van de beleggingspuzzel. Risicobeheersing, positiegrootte en mentale controle zijn vele malen belangrijker bij succesvol beleggen.

Je hoeft niet veel tijd te verliezen aan analyse. Op Chartmill.com vind je gratis rapporten die de fundamentele zowel als de technische kant van aandelen belichten in een kernoverzicht. Wellicht meer dan je nodig hebt om een verschil te maken zonder er te veel tijd aan te verliezen.