‘Je kunt niet geloven hoeveel vrienden je hebt als je wint’
Foto: Jimmy Kets
Na tien stemrondes, veel suspense en een beetje vaudeville mag Rik Van de Walle (47) maandag eindelijk ook protocollair het hermelijn aantrekken als rector van de Universiteit Gent. ‘Sans rancune’, zegt de Gentenaar die eerst van God en dan pas van de loge was aan dS Weekblad.

dS Weekblad stapte eerder deze week samen met Rik Van de Walle voor het eerst zijn nieuwe kantoor binnen. Zaterdag leest u het interview met de gloednieuwe rector. Hieronder leest u alvast een voorproefje.

Woensdagochtend, 8.30 uur. Het is zijn derde dag als rector en toch zijn we de allereerste gasten die hij in zijn kantoor ontvangt. Niet moeilijk, hij stapt er zelf voor het eerst binnen. Aan de universiteit zullen ze het snel genoeg ondervinden: deze man heeft geen zittend vlees.

Op het rectoraat staan nog personalia van zijn voorganger, Anne De Paepe. Hij stelt het met lichte gêne vast. ‘Tussen Anne en mij is er in die ellenlange campagne nooit echt iets gebroken’, rept hij zich om te zeggen. ‘We zaten deze week op de eerste rij tijdens het openingscollege van Carl Devos, met Wouter Beke als gastspreker, en we werden tot ons beider plezier en welbevinden verwelkomd als mevrouw de rector en meneer de rector. Vorige week waren we ­samen aanwezig toen het muntstuk van 2 euro ter ere van 200 jaar Universiteit Gent werd geslagen. Ik heb haar niet gevraagd om dat samen te doen, zij heeft mij dat niet opgedrongen. We willen beiden uitdragen dat er geen wonden geslagen zijn.’

Kortom, u was een perfect duo geweest als rector en vicerector?

‘We verschilden wel beschaafd van visie over een en ander, maar we zijn altijd on speaking terms gebleven.’

Nochtans, het was een bijwijlen gemene campagne, met anonieme brieven en verdachtmakingen.

‘Niet tussen Anne en mij. De perceptie was sterker dan de realiteit. Het was een beetje zoals in het voetbal: je hebt de spelers en je hebt de fans, de spionkop. Die is altijd iets heviger dan de mensen op het veld. Ik heb me natuurlijk gestoord aan anonieme quotes waarvan ik meestal wel wist wie erachter schuil ging, vaak mensen die ik als collega’s en wetenschappers zeer respecteer. Je zag weleens een tendentieuze tweet passeren van iemand met slechts 120 volgers die door de aandacht in de kranten plots een megafoon kreeg. Als kandidaat ben je dan aan handen en voeten gebonden, en dat was best frustrerend. Dat waren de enige momenten in deze lange procedure waarop ik eraan gedacht heb de handdoek in de ring te werpen. Maar vrienden zeiden mij: Rik, zet je daar over, kijk niet naar sociale media.’

Wat denkt u als mensen die u eerst anoniem een mes in de rug hebben gestoken, u nu komen feliciteren?

(Lacht) ‘Je kunt niet geloven hoeveel vrienden je hebt als je wint. Serieus, het is sans rancune. Ik ben nooit sarcastisch geworden. Ik kan niet tegen verzuring. Het leven biedt zoveel kansen. Het mag melig klinken, maar ik ben ongelooflijk dankbaar en dat gevoel ben ik al die tijd niet kwijt geraakt. Ik had het erg jammer gevonden indien ik hier verbitterd was uitgekomen. Ik ben een man van proporties. Het gaat ook máár over het rectoraat van een universiteit. De wereld zal er niet sneller of trager door draaien.’

Zaterdag leest u in dS Weekblad het volledige interview met de nieuwe rector Rik Van de Walle. ‘Discussies op Twitter lijken sportwedstrijden En de winnaar is diegene die na twintig tweets van Maarten Boudry of Wouter Duyck nog de moed heeft om de 21ste te sturen’