Geen bedrijfsvliegtuig meer voor Amerikaanse managers
Een bedrijfsvliegtuigje van Cessna. Foto: BELGAIMAGE

Het industriële conglomeraat General Electric verkoopt zijn vloot privé-jets. Tot grote ontsteltenis van de vliegtuigbouwers. Is het einde van het bedrijfsvliegtuig in zicht?

Slechtere reclame voor de sector van de privé-jets is moeilijk denkbaar. De managers van General Electric (GE), een van de grootste industriële conglomeraten ter wereld, moeten voortaan gewoon een ticket kopen als ze zich over lange afstand willen verplaatsen. De vijf privé-jets die het bedrijf in dienst had, worden verkocht om kosten te besparen. En dat terwijl GE zelf actief is in de sector. Het bedrijf is een belangrijke producent van vliegtuigmotoren. ‘Het is alsof Mark Zuckerberg aankondigt zijn Facebook-account op te heffen om tijd te besparen’, schrijf financieel persbureau Bloomberg.

De sector schoot afgelopen weekend onmiddellijk in het defensief. Dat GE hiermee kosten bespaart lijkt onwaarschijnlijk, zeggen vliegtuigverkopers en -verhuurders. ‘Ik was geschokt en verrast’, zegt Steve Varsano, oprichter van The Jet Business. Hij bemiddelt tussen vliegtuigbouwers en bedrijven. Volgens hem zal het tijdverlies door het gebruik van commerciële vluchten het bedrijf duur komen te staan. De sector roemt kostenbesparingen juist als het voornaamste argument om bedrijfsvliegtuigen te gebruiken. Het motto van de jaarlijkse conferentie van de National Business Aviation Association is ‘No Plane, No Gain’.

Toch zijn bedrijfsvliegtuigen steeds minder populair aan het worden. Het imago van de sector kreeg een ferme deuk toen in 2008 verscheidene managers van toen bijna-failliete autofabrikanten per private jet naar Washington kwamen om te praten over een redding door de overheid. De dalende populariteit van het bedrijfsvliegtuig valt af te meten aan de prijzen voor tweedehandstoestellen. Die zijn in drie jaar tijd met ruim een derde gedaald, berichtte de Financial Times afgelopen zomer. Gemiddeld betaal je nu 8,9 miljoen dollar voor een jet, tegenover 13,7 miljoen in 2014. Bombardier, de belangrijkste maker van private jets, zal dit jaar 135 bedrijfsvliegtuigen afleveren. Vorig jaar waren dat er nog 163. Vergeleken met de hoogtijdagen van voor de crisis, is de markt ongeveer gehalveerd.

Wel populair is het huren van kleine toestellen voor een beperkte tijdsduur. Die formule maakt het bezit van een toestel overbodig. Verschillende bedrijven, zoals NetJets (eigendom van zuinigheidsfreak Warren Buffett) specialiseren zich in deze dienstverlening.

Het afschaffen van de private jets maakt deel uit van de besparingsoperatie die GE’s nieuwe topman John Flannery, die vorige maand aantrad. Zijn voorganger, Jeffrey Immelt, was een grote voorstander van bedrijfsvliegtuigjes. Hij stond in de top-5 van Amerikaanse bedrijfsleiders die het meeste vlogen, ook privé. De kosten van die privé-vluchten, inclusief familieleden en gasten, beliepen ettelijke honderdduizenden dollar per jaar. Dat voordeel maakte deel uit van zijn salarispakket.