Tom Dumoulin wint spectaculair WK tijdrijden
Foto: Photo News

Een meesterlijke Tom Dumoulin heeft zich in het Noorse Bergen gekroond tot de nieuwe wereldkampioen tijdrijden. In een editie waarover nog jarenlang zal gesproken worden, was de Nederlander de snelste op de top van een volgepakt Mount Floyen. Een uitzinnige mensenmassa schreeuwde de renners naar de top, wat prachtige beelden opleverde. En ook de fietswissels zorgden voor de nodige nervositeit.

Vooraf was er op dit WK tijdrijden veel te doen om de fietswissels. De tijdrit eindigde namelijk met de snedige beklimming van Mount Floyen. De slotklim was 3,4 kilometer lang, met een gewone — lichtere — fiets zouden de renners sneller bergop kunnen fietsen. Zo’n fietswissel is echter niet vanzelfsprekend, net voor de slotklim liggen namelijk kasseien en die lagen glibberig door de regen in Bergen ‘s ochtends. De UCI rolde dan maar letterlijk de rode loper uit voor die wissel, in de speciale strook van zo’n twintig meter konden de renners zonder te vallen wisselen van fiets met behulp van twee mecaniciens: één om de tijdritfiets aan te nemen en één om de gewone fiets aan te reiken.

Tot zover de theorie. Want in praktijk liep de fietswissel al bij de eerste poging compleet de mist in. De Kazach Aleksey Lutsenko, die als eerste van start ging, probeerde van fiets te wisselen, schoot uit zijn klikpedaal en stond enkele seconden met de voet aan de grond. Behalve Lutsenko koos net iets meer dan de helft van de renners voor zo’n fietswissel. In het Belgische kamp was dat twee op drie: Laurens De Plus en Yves Lampaert bleven op de tijdritfiets, Victor Campenaerts wisselde wél net voor Mount Floyen. Op de slotklim stond een uitzinnige mensenmassa de renners op de wachten...

Sterke De Plus, Campenaerts beste Belg

Laurens De Plus was eerste van de drie Belgen die de tijdrit afwerkte, en dat deed hij goed: De Plus mocht op de top zelfs in de hot seat plaatsnemen met de besttijd van dat moment. De Plus werkte de heksenketel af in 47’16’. Hij mocht welgeteld een halfuurtje in de hot seat blijven zitten, tot de Sloveen Jan Tratnik een minuut en een seconde van de tijd van De Plus deed. Yves Lampaert reed tot Mount Floyen een dijk van een tijdrit, maar bergop verging het de West-Vlaming minder goed: Lampaert eindigde net achter De Plus in de eindstand.

In afwachting van de start van Tom Dumoulin kon Nederland ook een feestje vieren dankzij Wilco Kelderman. De Nederlandse hardrijder wisselde voor de slotklim van fiets en reed met de gewone koersfiets naar een nieuwe toptijd. Wisselen van fiets, dat deed ook Victor Campenaerts, hij zou uiteindelijk net buiten de top tien eindigen als beste Belg.

Titanengevecht in de stortregen

Net voor de echte kleppers begonnen aan hun tijdrit, zat de Portugees Nelson Oliveira verrassend in de hotseat. Vasil Kiryienka beet de tanden stuk op zijn tijd, de Wit-Russische zilveren medaille van het vorige WK eindigde 23 honderdsten van een seconde van Oliveira. Maar dat alles was slechts een voorproefje voor het echte gevecht. En dan zorgden de weergoden voor een extra pigment: terwijl Froome, Dumoulin en Martin hun tijdrit reden, begon de regen met bakken uit de lucht te vallen.

Tom Dumoulin leek het minste last te hebben van de regen. Na het eerste tussenpunt bleek al dat Froome een trage start kunde, Dumoulin kwam daar - mede door de regen - voorbij als derde. Na het tweede tussenpunt had de Nederlander al de beste tussentijd, maar pas aan de voet van Mount Floyen was de schade duidelijk die Dumoulin had aangericht. Hij begon met 51 seconden voorsprong op Froomy aan de slotklim...

… en haalde Chris Froome nét niet in aan de eindmeet. Dumoulin reed wel oververdiend naar de wereldtitel, 1’21” sneller dan Chris Froome. Die moest zich tevredenstellen met een derde plaats en een bronzen medaille, het zilver ging naar de Sloveen Primoz Roglic.