Na David Bowie en Pink Floyd, komt Winnie de Poeh

Het Victoria & Albert Museum in Londen pakt deze winter uit met een tentoonstelling rond een van ’s werelds bekendste beren. Winnie de Poeh moet vooral gezinnen naar het museum lokken.

Winnie de Poeh werd bedacht door de Brits auteur Alan Alexander Milne (1882-1956), zag voor het eerst het leven in 1926 en mocht dus vorig jaar negentig kaarsjes uitblazen. Die verjaardag wordt met een jaartje vertraging alsnog uitgebreid gevierd met de tentoonstelling Winnie the Pooh: exploring a classic in het Victoria & Albert Museum, dat eerder bezoekers probeerde te lokken met expo’s rond David Bowie, Pink Floyd en modeontwerper Alexander McQueen.

Met het knuffelbare beertje slaat het museum een volledig andere richting in. ‘Dit is onze eerste tentoonstelling speciaal gericht op jonge gezinnen en we kijken ernaar uit om een nieuwe generatie te verwelkomen in de magische en vreugdevolle wereld van Milne’, aldus Tristram Hunt, directeur van het V&A.

De expo zal naast originele potloodschetsen van illustrator E.H. Shepard ook uitpakken met memorabilia zoals een theeservies van een jonge prinses Elizabeth. Setontwerper Tom Piper, die drie jaar geleden voor bijna een miljoen keramieken klaprozen rond de Tower in Londen ter ere van de honderdste verjaardag van de Eerste Wereldoorlog, wordt ingeschakeld voor het decor. De grootste Britse tentoonstelling ooit rond Winnie de Poeh opent op 9 december de deuren.