Palliatieve zorg voor iedere oudere nog veraf
Foto: Jimmy Kets
Ouderen en ook hoogbejaarden vinden alsmaar vaker de weg naar palliatieve zorg. Al blijft die in de ziekenhuizen nog veel te beperkt.

Van alle 65-plussers die niet plotseling overlijden, kreeg in 2005 nog maar 39 procent palliatieve zorg. Zowat tien jaar later, in 2014, is dat gestegen tot 63 procent. Ook 85-plussers vinden alsmaar vaker hun weg naar die levenseindezorg.

Dat is goed nieuws, want palliatieve zorg die vroeg genoeg aangeboden wordt, verhoogt de levenskwaliteit en kan zelfs de levensduur nog even verlengen, zegt Yolanda Penders van de onderzoeksgroep End-of-Life Care aan de VUB en de UGent. ‘Net om die reden zouden nog veel meer ouderen palliatieve zorg moeten krijgen. In onze analyse hebben wij alleen ouderen betrokken die niet plots overleden zijn. Hun overlijden was dus voorspelbaar.’

De conclusies zijn gebaseerd op 5.344 overlijdens van 65-plussers in ons land, verspreid over zowat tien jaar.

Te kort

Helaas is er in al die tijd niets veranderd aan de duur van de palliatieve zorg: bij slechts één op de drie mensen wordt die al drie maanden voor het overlijden ingeschakeld. Bij de helft gebeurt dat maar twee weken voor het overlijden. Bij een kwart zelfs nog dichter erbij. Dan kan palliatieve zorg alleen nog helpen sterven.

Van dat vooroordeel wil de sector af. Ook in het federale parlement werd onlangs een voorstel goedgekeurd dat palliatieve zorg al eerder dan drie maanden voor het overlijden mogelijk moet maken. Dat is conform het advies van de Wereldgezondheidsorganisatie. Om dat waar te maken, zal meer politiek engagement nodig zijn, zeggen de onderzoekers.

‘Nu zijn er nog te veel praktische barrières’, luidt het. ‘De groei van de palliatieve zorg bij ouderen situeert zich vooral in de woonzorgcentra, waar vanaf 2009 referentiepersonen voor palliatieve zorg hun intrede hebben gedaan. Een goede evolutie, al stellen we nog steeds vast dat bijna de helft van de bewoners van woonzorgcentra die niet plotseling overlijden, géén palliatieve zorg heeft gekregen. Wat betekent dat dit nog geen standaardpraktijk is in alle woonzorgcentra.’

Meer middelen

Elders, bijvoorbeeld in de ziekenhuizen, is de groei van palliatieve zorg beperkt gebleven. Logisch, zegt het onderzoeksteam, aangezien palliatieve zorgeenheden in ziekenhuizen gewoonlijk maar een beperkt aantal bedden hebben en de mobiele teams in het ziekenhuis beperkt blijven tot één persoon.

‘De enige manier waarop je daar meer mensen toegang tot palliatieve zorg zou kunnen geven, is door de “turnaround time” te verlagen’, zegt Penders. ‘En dat is nu net níét de bedoeling van palliatieve zorg. Je wilt dat terminaal zieken er zo lang mogelijk van kunnen genieten. De andere optie is dus: meer capaciteit ter beschikking stellen. Dat vraagt om meer middelen. Hetzelfde geldt voor de thuisequipes, die erg onder druk staan.’

De kans dat je als 65-plusser palliatieve zorg krijgt, is nog het grootst wanneer je thuis overlijdt. De thuisequipes bedienen een groter aandeel van die leeftijdsgroep dan de referentiepersonen in woonzorgcentra en de palliatieve teams in ziekenhuizen.