'Those were the best days of my life', zong Bryan Adams in zijn hit 'Summer of '69'. Ook al was hij toen nog maar tien. Waarom hebben we zo'n sterke gevoelens bij de zomers van onze jeugdjaren, al kloppen ze overduideljik niet?

Vraag een willekeurig iemand om een herinnering aan de vakanties die je als kind meemaakte, en de kans is groot dat er een spectaculair verhaal opduikt, van kamperen of spelen in de buurt. Niet die lange periode waarin de zomer maar bleef duren en er eigenlijk niets noemenswaardig gebeurde. De verveling of eindeloze herhaling schuiven we makkelijk naar de achtergrond. 

Om bij het voorbeeld van Bryan Adams te blijven: 

Oh, when I look back now
That summer seemed to last forever
And if I had the choice
Yeah, I'd always wanna be there
Those were the best days of my life
Logisch bijna. Want wat we herinneren is niet per se wat er gebeurd is. Dat is in het voorbeeld van Adams nogal voor de hand liggend. Zo verwijst hij in één strofe naar hoe hij gitaar leerde spelen, een groep vormde, en de band al uit elkaar viel omdat iemand ging trouwen. Dat gaat niet als knaap van net geen tien jaar. En dat hij 'young and restless' was zal als pre-puber ook wel meegevallen hebben. Hij herleidt duidelijk een langere periode tot die ene zomer waarin de kiem gezaaid werd.
 

Zuiver slechte wil? Niet noodzakelijk.‘Er is niet veel nodig om herinneringen te laten veranderen’, schrijft de Nederlandse psycholoog Douwe Draaisma in zijn boek Als mijn geheugen me niet ­bedriegt. ‘Ze nog eens aan iemand vertellen is soms al genoeg.’ Het ‘later’ overschrijft dan herinneringen, je verleden verandert.  In een interview met De Standaard verduidelijke Draaisma dat er daarmee niet altijd kwaad opzet gemoeid is. 'Als we voort­durend zouden worden voorgelogen door ons geheugen, had de evolutie er al lang komaf mee gemaakt. Het geheugen gedraagt zich als een getuige die 9 op de 10 keer de waarheid spreekt. Alleen weet je niet wat die tiende keer is. Dat maakt dat je erg ­sceptisch moet zijn tegenover wat je herinneringen je vertellen.’ Dat we gebeurtenissen uit onze jeugdjaren ook niet per se in de juiste volgorde herinneren is voor Draaisma ook te verklaren. 'Geheugen en tijd zijn niet hetzelfde. Tijd is een stroom waarbij gebeurtenissen alleen stroomafwaarts gevolgen kunnen hebben, Bij geheugen is dat ook stroomopwaarts.'

 

ONLINE ZOMERREEKS

ZOMER VAN DE TOEKOMST

Wie of wat bepaalt hoe uw zomer eruit komt te zien in de toekomst? De Standaard blikt vooruit.