Planbureau ziet geen brood in cash-for-car
De bedrijfswagen inruilen voor cash loon zal voor veel bestuurders nadelig zijn, zegt het Planbureau. ‘Zeker voor wie veel rijdt, is het oninteressant.’

Als de werkgever het goedkeurt, dan krijgt wie volgend jaar zijn bedrijfswagen inlevert daar cash voor in de plaats. Hoort bij die wagen ook een tankkaart, dan ontvangt hij of zij er nog eens twintig procent bovenop, besliste het kernkabinet vorige week.

Maar volgens berekeningen van het Planbureau zal die regeling voor veel bestuurders niet voor­delig zijn. Wie een bedrijfswagen heeft, legt jaarlijks gemiddeld 30.000 kilometer af. Daardoor zou de opleg voor het inleveren van een tankkaart gemiddeld 40 procent moeten bedragen, rekent het Planbureau voor.

‘Uit onze cijfers blijkt dus dat het bedrag voor veel bestuurders niet het aantal kilometers compenseert dat ze vandaag met hun tankkaart afleggen’, zegt onderzoeker Alex Van Steenbergen. Uit cijfers van Renta blijkt bovendien dat het ontvangen cashbedrag ruim onder de leasingwaarde van de wagen zit.

De conclusie van het Plan­bureau sluit aan bij wat organisaties als Febiac, VAB, Touring en Traxio eerder al zeiden. Volgens hen zou het systeem niets veranderen aan de files, omdat weinig mensen zullen kiezen voor het cashbedrag.

‘Vooral voor wie veel kilometers aflegt, is het oninteressant’, zegt Van Steenbergen. ‘Het is een ingrijpende maatregel. Maar in de praktijk zal die forfaitaire formule het minder aantrekkelijk maken voor de grootgebruikers.’

Uit de studie van het Planbureau blijkt ook  dat vooral de rijkste Belgen profiteren van de anderhalf miljard euro die de schatkist jaarlijks uitgeeft aan salariswagens. Zo zit bijna de helft van de totale waarde van het bedrijfswagenpark geconcentreerd bij de tien procent hoogste inkomens. ‘Men had er ook voor kunnen kiezen om het voordeel te verlagen en de aanslagvoeten van de inkomensbelasting te verlagen. Dat had volgens onze cijfers een positievere invloed op de arbeidsmarkt gehad.’