Britse modejournaliste hangt vuile was Vogue buiten
Foto: Getty Images
‘Om eerlijk te zijn, ik heb Vogue al jaren niet meer gelezen.’ Lucinda Chambers stond 36 jaar op de loonlijst van de Britse Vogue, maar doet na haar onverwachte ontslag een boekje open over de gang van zaken bij een van de grootste modemagazines ter wereld.

Edward Enninful, de nieuwe hoofdredacteur van de Britse Vogue, heeft met het ontslag van vaste waarde Lucinda Chambers serieus in eigen voet geschoten. Chambers weigert immers om zich zomaar bij de feiten neer te leggen, en deed op haar beurt een boekje open over de gang van zaken bij Vogue.

Chambers stond 36 jaar op de loonlijst van het modeblad, waarvan een kwarteeuw met de titel fashion director op haar visitekaartjes. Ze zag van dichtbij hoe het eraan toeging in de modewereld, en nam in een interview met online magazine Vestoj geen blad voor de mond.

Alcohol- en drugproblemen

‘Het is niet toegestaan om te falen in de modewereld, en al zeker niet in deze tijden met sociale media, waarbij alles draait om dat succesvolle, fantastische leven. Niemand mag nog falen. Dat creëert enkel angst en terreur. Nochtans kunnen mislukkingen ons helpen om te groeien en ons verder te ontwikkelen’, aldus de 57-jarige Chambers, die zelf maar al te goed beseft dat haar werk niet altijd top was.

‘De cover van het juninummer met Alexa Chung in een stom T-shirt van Michael Kors was waardeloos', geeft ze toe. 'Maar hij is een belangrijke adverteerder, dus ik weet waarom ik het heb gedaan.’

Ze vergelijkt de mode-industrie met ‘een school vissen, cyclisch en reactionair’. ‘Niemand kan een leven lang relevant blijven, het gaat altijd met pieken en dalen. Het probleem is dat mensen steeds meer willen. Ze denken "het heeft een keer gewerkt, het zal nu ook wel werken". Maar mode is alchemie, het is de juiste persoon bij het juiste bedrijf op het juiste moment. Het is heel moeilijk om creativiteit te kwantificeren.’

Chambers staat ook stil bij de onmenselijke druk die vandaag op de schouders van ontwerpers rust. ‘Iedereen wil steeds meer en meer en steeds vlugger en vlugger. Grote bedrijven eisen steeds meer van hun ontwerpers, we hebben de gevolgen gezien. Het is ongelooflijk zwaar. Ontwerpers hebben alcohol- en drugproblemen of kampen met zenuwinzinkingen. Het is te veel om acht collecties - soms zelfs zestien - per jaar te verwachten. De ontwerpers doen het wel, maar niet op een goede manier, en dan worden ze aan de deur gezet. Ze falen voor de ogen van iedereen.’

‘De kleding is belachelijk duur’

Is het dan allemaal slecht in de modewereld? Neen. Chambers looft de manier van werken bij Marni, althans tot het bedrijf werd verkocht aan Renzo Rosso, ‘de antithese van alle goeds waar Marni voor stond’. De nieuwe ontwerper die hij aan boord haalde, Francesco Risso, heeft zijn postje enkel te danken aan het feit dat hij Anna Wintour kent. ‘En dat was te merken aan de laatste collectie.’

Chambers sluit af met een opvallende bekentenis. ‘Om eerlijk te zijn: ik heb Vogue al jaren niet meer gelezen. Er zijn weinig modemagazines die je een goed gevoel geven - in tegendeel. Ze laten je achter met een slecht gevoel, omdat je niet de juiste etentjes organiseert, je je tafel niet op de juiste manier dekt, of de verkeerde mensen ontmoet.’

‘Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik het leven leidde dat door het magazine werd gedicteerd. De kleding is irrelevant voor de meeste mensen, zo belachelijk duur. [...] Het is jammer dat magazines de autoriteit die ze ooit hadden, onderweg verloren zijn. Ze zijn niet langer handig. We proberen mensen altijd kleding te doen kopen die ze niet eens nodig hebben. We hebben helemaal niet nog meer handtassen, blouses of schoenen nodig. En toch proberen we hen constant aan te sporen om te blijven kopen.’