‘Op heel korte termijn zullen veel meer donorkinderen hun donor vinden’
Els Leijs. Foto: rr

Zes donormeisjes uit Vlaanderen en Nederland lanceren samen de website Donor Detectives. Hun doel: de zoektocht naar hun anonieme donor vergemakkelijken. Een van hen, de Nederlandse Emi Stikkelman, heeft haar donor al gevonden, dankzij een Amerikaanse DNA-bank en de Nederlandse ‘familiedetective’ Els Leijs. Het relaas van die zoektocht staat deze week in Humo.

Hoe kwam Emi Stikkelman bij u terecht?

‘Ze contacteerde mij in september of oktober en zei dat ze via de DNA-bank Family Tree een ‘second cousin’ had gevonden, iemand met wie je een overgrootvader deelt. Ik wist meteen: goed nieuws, want dan is de kans groot dat je ook de persoon vindt van wie je afstamt. We zijn gaan samenzitten, hebben de stamboom opgemaakt en toen was het niet zo moeilijk meer.’

Een naam is niet genoeg. Je moet ook een adres hebben.

‘Emi’s donor is een hulpverlener, dus ze vond zijn werkadres en maakte daar een afspraak. Veelal komen mensen al een heel eind met Google: je vindt snel de tennisuitslagen van vorig jaar, met daarbij de naam van een gemeente enzovoort. Als rechercheur mag ik ook in bepaalde bestanden die voor andere mensen niet toegankelijk zijn.’

Er bestaat al een DNA-bank voor donorkinderen in Nederland. Waarom een beroep doen op buitenlandse, commerciële databanken?

‘Omdat die op een heel andere manier naar DNA kijken. We raden donorkinderen specifiek aan om zich bij de Family Tree-DNA-bank te registreren. Die analyseert veel meer markers, en kijkt naar de mutaties in het DNA en op welke plaats die voorkomen. Daardoor worden ook horizontale familiebanden blootgelegd en niet alleen verticale. Ik ken al verscheidene mensen die op die manier een halfbroer of -zus hebben gevonden, of andere verwanten.’

‘Er zullen snel veel meer donorkinderen hun donor vinden. Het is een kwestie van geduld oefenen.’

Mannen die vroeger sperma gedoneerd hebben, zullen dat misschien geen fijne gedachte vinden.

‘Dat zou kunnen. Anderzijds: donoren hadden toen geen andere keus dan anoniem te blijven. Ik ken mannen die de fertiliteitsarts vroegen om hun naam op te schrijven, maar de arts zei hun dat de wet dat verbood.’

‘En bedenk: donorkinderen zijn niet uit op een erfenis, ze willen ook niet elke zondag op de koffie komen. Ze willen degene van wie ze voor de helft afstammen, in de ogen kunnen kijken. Ze willen er een keer mee praten, misschien wat oude foto’s bekijken, enkele familieverhalen horen of medische informatie krijgen. Vergeet niet wat het doet met donorkinderen om met zoveel blinde vlekken te leven.’

Lees meer op www.donordetectives.be