Steeds meer artsen werken ‘in burger’
Foto: WDK

Huisartsen, psychiaters, euthanasie-expert Wim Distelmans: ze doen liever geen uniform aan. Want een witte jas jaagt de bloeddruk van de ­patiënt omhoog.

Ofwel draagt hij een T-shirt en jeans. Ofwel een fuchsia pak, in combinatie met een haarkapje met aapjes op. Maar een witte doktersjas? Nooit. ‘Al twintig jaar niet’, zegt Erwin Van Der Veken, kinderchirurg in het Brusselse Koningin Fabiolaziekenhuis. ‘Een witte jas creëert afstand, schrikt af. Dat is duidelijk bij kinderen. Maar als ik volwassenen zou behandelen, zou ik hem ook niet aandoen.’

Van Der Veken spreekt uit buikgevoel, maar de wetenschap treedt hem bij. In de psychologie bestaat het zogenaamde white coat-syndrom: mensen zien een witte jas in een klinische setting, en hun bloeddruk stijgt. Een fenomeen dat zich voordoet bij 40 procent van de bevolking. Geen wonder dat veel huisartsen hun witte jas aan de kapstok laten. ‘Vandaag is dat al de helft, blijkt uit een enquête’, zegt Steven Haesaert van de Vereniging van Vlaamse Huisartsen. ‘Vooral jonge artsen doen dat liever, zij zijn het liefst gelijkwaardig aan de ­patiënt.’

Minder geloofwaardig

Niet elke patiënt verlangt dat, beseft Haesaert. ‘Vooral de oudere generatie vindt het vreemd. Die is opgegroeid met Mijnheer Doktoor, iemand met status, die hoort een uniform te dragen.’ Bovendien, blijkt uit een studie uit 2014, is er een genderverschil. ‘Mannen kunnen dragen wat ze willen’, zegt prof. Birgitte Schoenmakers (KU Leuven). ‘Maar een vrouwelijke arts zónder schort, die vinden ­patiënten minder geloofwaardig.’

Huisartsen kiezen hun eigen kleren, in ziekenhuizen is het anders. Daar blijft de dresscode vaak wit. ‘Er is geen wet die het verplicht’, klinkt het bij de Vereniging van Artsensyndicaten (BVAS). ‘Ziekenhuizen leggen die dress­code zelf op uit hygiënische redenen.’

‘Nochtans: elke dag een proper hemd is hygiënischer dan een schort’, zegt prof. Annette Schuermans, diensthoofd van het UZ Leuven. ‘Want die schort wordt niet dagelijks gewassen. Voor operaties en bij risicopatiënten gelden striktere voorschriften. Maar de consultaties, die mogen artsen bij ons doen in burger.’

Sommige artsen wisselen af. Zoals prof. dr. Wim Distelmans, expert in palliatieve zorgen. In het UZ Brussel doet hij zijn verplichte witte hemd aan, in het palliatieve centrum loopt hij in burger. ‘In de ­kliniek spreken ze me aan met dokter, in het dagcentrum met Wim. Geef mij maar dat laatste. Vooral in gesprekken over de dood. Dan zijn we toch allemaal gelijk.’