‘Alimentatie afdwingen moeilijker’
Foto: Roel Burgler/hh

Sinds de oprichting in 2004 groeide het aantal kantoren van de Dienst voor Alimentatievorderingen (Davo) tot dertig, maar ondertussen werd dat teruggeschroefd naar 23. En vanaf september zijn er maar elf aanspreekpunten, ongeveer een per provincie.

Veel eenoudergezinnen krijgen na een echtscheiding geen of onregelmatig onderhoudsgeld van hun ex-partner. Om dat toch af te dwingen, kunnen ze aankloppen bij een van de loketten van de Dienst voor Alimentatievorderingen.

Dat het aantal kantoren wordt gehalveerd is geen goede zaak, zeggen Magda De Meyer van de Vrouwenraad en Yves Coemans van de Gezinsbond, in naam van het Platform Alimentatiefonds, in onze krant. ‘Je verhoogt de drempel door de lokale kantoren op te doeken. Daardoor vinden de meest kwetsbare gezinnen nog moeilijker de weg.’

Doorlichting

Davo hielp al meer dan 86.000 ex-partners en kinderen. Hij vordert achterstallige onderhoudsgelden terug en keert zelfs voorschotten uit. Maar op politiek niveau is de dienst niet onbesproken.

Een evaluatiecommissie is aangesteld om de werking door te lichten: zo wordt slechts 36 procent van de voorschotten teruggevorderd. Dat is weinig. Bovendien laten sommige ex-partners zich onvermogend verklaren, zodat er geen onderhoudsgeld gevorderd kan worden. Pakt Davo dit misbruik wel voldoende aan?

OCMW

Er gaan stemmen op om Davo te laten vervellen tot zijn oorspronkelijke vorm: geen aparte dienst, maar een bevoegdheid van de lokale OCMW’s. ‘Dit oorspronkelijke ­systeem was laagdrempeliger’, zegt Nahima Lanjri (CD&V). ‘Hoe meer lokale aanspreekpunten, hoe beter. Een van de grootste mankementen van Davo is behalve de bekendheid ook de toegankelijkheid. En met elf kantoren wordt die alleen maar ­minder.’