Dylan in de Lotto Arena: Een jazz-ensembletje in een groezelig café
Foto: BELGAIMAGE

Hij is misschien niet meer zo toonvast als hij ooit is geweest, maar klokvast is hij tegenwoordig des te meer: Bob Dylan begon gisteravond stipt om half negen aan zijn set, zoals aangekondigd, en de zaallichten floepten aan om 22.21 uur, een minuut later dan was aangekondigd. Het zegt iets over hoe strak zijn Never Ending Tour tegenwoordig in het pak zit: altijd ongeveer dezelfde setlist, geen zijwegen inslaan, geen oeverloos gesoleer.

Dat van die toonvastheid bleek gisteren trouwens mee te vallen. Om te beginnen kon je de man bij momenten zelfs horen zingen, en dat was al een mirakel op zich. Ofwel is hij echt beter bij stem dan enkele jaren geleden (hij zou gestopt zijn met roken), ofwel zat de klank gewoon beter in de Antwerpse Lotto Arena dan de voorbij vijftien jaar in Vorst Nationaal (al rijmt Dylan volgens ons op Lotto Arena zoals Clouseau rijmt op Democrazy, maar goed).

Terzake, zoals de man zelf: geen woord sprak hij, zoals verwacht, alleen de muziek telde. Die gaf aanvankelijk niet thuis. Opener 'Things have changed' herkenden we pas halverwege, daarna volgde een vreselijke Samson & Gert-versie van 'Don’t think twice'. Dylan zat weggestoken achter een piano aan de zijkant van het podium, waarop hij vaak een ander nummer leek te spelen dan het nummer dat hij aan het zingen was. 'Highway 61 revisited' rockte daarna tenminste, maar we wisten al dat deze band een geweldige groove kan neerzetten. We zaten dus al klaar om ons twee uur stierlijk te vervelen, maar dan kwam Bob van achter zijn piano om centraal op het podium 'Why try to change me now' te zingen, uit Shadows in the night, de eerste van intussen vijf cd’s met klassiekers uit The Great American Songbook. Je kon elke noot horen, elke trilling in zijn stem. De rockband veranderde ineens in een cabaretesk jazz-ensembletje, de zaal werd een groezelig café. Het was fantastisch.

Dat werd het elke keer als hij een van die oude nummers aanpakte: 'Melancholy mood', 'Stormy weather' en vooral 'Autumn leaves': het is lang geleden dat we echt ontroerd waren tijdens een optreden van Dylan. Die oude songs klinken live ook veel beter dan op plaat, waar hij ze afstandelijker zingt, en verder van de muziek vandaan.

Ook recent eigen werk, uit Tempest, klonk hartverwarmend: 'Duquesne Whistle', 'Pay in blood' en vooral 'Long and wasted years': jongens, wat een feest. En wat een groep: subtiel als het moet, voluit als het mag, maar nooit opdringerig. Daardoor viel het des te meer op dat deze fantastische muzikanten blijkbaar geen blijf weten met Dylans oude werk: 'Tangled up in blue' ging de mist in, 'Blowin’ in the wind' blies nog wat meer mist, en wat de heren (en Dylan zelf, niet te vergeten) hier met het prachtige 'Desolation row' aanvingen, daarop zouden straffen moeten staan. Of tenminste een inreisverbod. Wij vrezen dat we niet meer naar het origineel kunnen luisteren zonder deze teringversie te horen. Zand erover, er was halverwege de set ook nog een verzengende versie van 'Love sick', daar trekken we ons aan op.

Dylan wordt over precies een maand 76, als hij niet achter zijn piano zat, waggelde hij gisteravond als een pinguïn over het podium, onderwijl krassend als een oude kraai. Maar wij voelden ons na zijn optreden weer tien jaar jonger.