Vlaming gelooft niet in politiek cordon
Foto: BELGA

Slechts één Vlaming op drie vindt dat Vlaams Belang niet mag meebesturen in gemeenten. De animo voor een cordon rond PVDA/PTB is nog kleiner.

‘Daar word ik zeer vrolijk van.’ De peiling mag voor zijn partij dan wat tegenvallen, dat een kleine meerderheid van de Vlamingen geen brood ziet in een cordon sanitaire, maakt de dag van Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken meer dan goed. ‘Er bestaat allang geen cordon meer rond onze ideeën, dat cordon rond onze mensen blijft onaanvaardbaar.’

Een kwarteeuw geleden besloten alle Vlaamse partijen princi­pieel om niet met Vlaams Belang samen te werken. Met de opgang van de PVDA/PTB klinken gelijkaardige stemmen om deze ­extreemlinkse partij in de ban te slaan. Voor het eerst peilden De Standaard en de VRT naar de wenselijkheid van zo’n schutkring. Nauwelijks een derde van de Vlamingen vindt dat een terecht principe. Bij de PVDA valt het cijfer terug tot een vierde.

N-VA-kiezers blijven de grootste tegenstanders van het cordon (64 procent). Ook de aanhangers van Groen (49 procent) en Open VLD (45 procent) maken van een coalitievorming met Vlaams Belang geen halszaak. Van een ­samenwerking met de communisten tonen de N-VA- en de CD&V-kiezers zich de koelste minnaars (respectievelijk met 46 en 49 procent).

Opmerkelijk: ook 17 procent van de Belang-aanhang is gewonnen voor het cordon. Van Grieken schatert: ‘Ik start onmiddellijk een intern onderzoek.’

Het verlaten van het cordon wil niet zeggen dat Vlaams Belang of PVDA zomaar in een coalitie zullen opduiken. Steeds meer politici kanten zich tegen een cordon, maar voegen er onmiddellijk aan toe dat ze met de betrokken partij en vanwege een afwezige ‘gemeenschappelijke grond’ niet willen of kunnen samenwerken.

Vlaams Belang kan zich aan dit onderzoek optrekken. In zijn boek, dat begin mei uitkomt, stelt Van Grieken het einde van het cordon gelijk aan ‘het begin van een Vlaamse lente’. Bij zijn aantreden kreeg de jonge voorzitter het doorbreken van het cordon als uitdrukkelijke opdracht mee. De lokale verkiezingen worden een belangrijke graadmeter.

Kleine centrumsteden

De partij gelooft in 2018 nog niet in de grote wederopstanding. Van Grieken selecteerde wel een vijftal gemeenten – denk aan Ninove – waarin hij hoopt om via een strategische positie in een meerderheid te raken. In de beeldvorming zou dat neerkomen op een stevige overwinning. Daarbij richt Van Grieken zich eerder op de kleinere centrumsteden, om ‘demografische redenen’ gelooft hij niet dat er in de grote steden nog veel te rapen valt. Vlaams Belang leeft op de hoop dat de N-VA her en der een zeteltje tekortkomt. Dat uitgerekend N-VA-kiezers het minst problemen hebben met de partij, komt dan goed uit.

PVDA-voorzitter Peter Mertens vindt een cordon tegen het ‘racistische Belang’ gerechtvaardigd. Met de doorbraak van de PTB waait de cordondiscussie trouwens over naar Wallonië. Volgens CDH-voorzitter Benoît Lutgen zou machtsdeelname van de PTB voor Wallonië een economische ramp betekenen. Ook voor de MR is er geen denken aan in zee te gaan met een marxistische partij.