‘Alle religies moeten zichzelf bedruipen’
Foto: Guy Puttemans
Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten vindt niet dat de overheid nog langer moet instaan voor de financiering van een geloof. En dus wil ze grondwetsartikel 181 aanpakken.

Gwendolyn Rutten breekt de discussie over de Fatih-moskee open. De voorzitster van Open VLD vindt dat de erkenning van alle Diyanet-moskeeën in Vlaanderen moet worden ingetrokken. Ze kant zich ook tegen het idee dat de overheid een erkende moskee moet financieren. ‘We gaan geld toch niet gebruiken als glijmiddel voor een Europese islam?’ In 2019 wil de partij de Grondwet aanpassen, waardoor alle erediensten voortaan zelfbedruipend moeten worden. 

Vrijdag buigt de Vlaamse regering zich over dat netelige dossier. Bevoegd minister Liesbeth Homans (N-VA) wil de erkenning van de Fatih-moskee in Beringen intrekken, CD&V verzet zich daartegen. Daarbij kan de partij niet rekenen op liberale steun. ‘Wat willen we bereiken met een erkenning?’, vraagt Rutten zich af. ‘Alle Diyanet-moskeeën doen in Vlaanderen aan politiek. Waarom richt de minister zich op één enkele moskee, ze komen allemaal in aanmerking om hun erkenning te verliezen.’ 

De Open VLD-voorzitster is het niet eens met de werkwijze van de minister, maar toont begrip voor de manier waarop Homans zich in het dossier heeft verslikt. ‘Twee realiteiten kwamen met elkaar in conflict. De Staatsveiligheid screent alle moskeeën, zowel erkende als niet-erkende, op radicalisering en terrorisme. Het gaat vooral om moskeeën die door Saudi-Arabië worden gefinancierd. De Diyanet-moskeeën staan voor een meer gematigde islam. Salafisme is niet het probleem, wel politieke propaganda. Wettelijk is de Staatsveiligheid niet bevoegd om dat te onderzoeken.’

Kwaliteitslabel

Die politieke beïnvloeding vindt Rutten onaanvaardbaar. ‘De teksten voor het vrijdaggebed worden in Turkije geschreven. Voor president Erdogan blijven alle Turken kinderen van het vaderland, ongeacht waar ze verblijven. Het vormen van een politieke gemeenschap zet een rem op integratie, zeker nu Erdogan wegdrijft van de democratie.’

Rutten juicht toe dat de federale regering een rondzendbrief voorbereidt die de wijze bepaalt waarop de veiligheidsdiensten moskeeën moeten screenen. Bovendien kondigde partijgenoot Patrick Dewael eerder deze week aan dat de onderzoekscommissie naar de aanslagen zich buigt over de volledige erkenningsprocedure. Die kan een stuk gestroomlijnder.

De liberalen willen dus verder gaan dan Homans, maar hekelen tegelijkertijd de afwezigheid van een totaalaanpak. Daarbij verwijst Rutten naar de afwezige opleiding van Vlaamse imams, het leggen van contacten met de Turkse gemeenschap, de organisatie van tegenkrachten enzovoort. Moskeeën kunnen gerust worden erkend, als een soort Vlaams kwaliteitslabel. Maar de voorzitster wil af van de noodzaak om daarbij met geld over de brug te komen. ‘De Fatih-moskee beweert zelf dat ze het geld niet nodig heeft’, zegt ze verontwaardigd. 

Scheiding tussen  kerk en staat

Om de scheiding tussen kerk en staat te bekrachtigen, wil Open VLD grondwetsartikel 181 voor herziening vatbaar verklaren. Dat artikel regelt de financiering van de erediensten en de vrijzinnigheid. ‘De tijd is rijp om deze discussie aan te vatten’, benadrukt Rutten. ‘Alle religies moeten zichzelf bedruipen.’

Ze hekelt de manier waarop alle betrokkenen elkaar in een ‘houdgreep’ houden. Zo krijgt de katholieke eredienst te veel geld in functie van het aantal gelovigen, de islam dan weer te weinig. De georganiseerde vrijzinnigheid blokkeert de discussie omdat haar werking zonder overheidsgeld in gevaar komt. Bovendien gaat het om een versnipperde bevoegdheid: de federale overheid betaalt de lonen, de gemeenten sluiten de begrotingen van de kerkfabrieken. 

Hoe gelovigen hun eigen erediensten bekostigen, moet later worden verduidelijkt. De Open VLD-voorzitster vindt niet dat de armlastige overheid nog langer kan instaan voor de financiering van een geloof. Rutten wil alleen het patrimonium buiten de discussie houden. Dat maakt deel uit van een traditie en de financiering van historisch waardevolle gebouwen kan een onderdeel van het cultuurbeleid worden.