FACTCHECK. ‘De mondialisering van de wielersport is een feit’
Foto: BELGA

‘Nu koerst gans de wereld’, verklaarde voormalig Belgisch wielrenner Eddy Planckaert in de talkshow Vive Tom zondagavond. Presentator Karl Vannieuwkerke knikte bevestigend en haalde er zelfs bewijs bij: een lijstje met de nationaliteiten van de winnaars van de laatste edities van de grote eendagswedstrijden. Elf nationaliteiten staan erop: van Slovaak tot Italiaan en Australiër - al woont die laatste wel in Lanaken.

Wie de Sporza-methode toepast op het verleden - kijken naar de winnaars van de grote eendagswedstrijden - ziet dat renners van allerhande pluimage inderdaad hun intrede hebben gedaan vooraan het peloton. Een berekening volgens dezelfde methode exact vijftig jaar geleden leert dat er toen een accidentele Brit nodig was om de overmacht van de Belgen, Italianen, Fransen en Nederlanders te doorbreken.

Toegegeven: nationale vlaggen turven op de podia van grote wedstrijden is misschien wel een goede indicator, maar niet de meest wetenschappelijk verantwoorde methode. Gelukkig gebeurt er aan de KU Leuven degelijk onderzoekswerk naar dit onderwerp, met berekeningen met sommen en kwadraten die resulteren in de Herfindahl-Hirschmann Index en de C4-ratio.

De details hierover leiden wat ver, maar de eindresultaten tonen aan dat het profwielrennen wel degelijk zijn plaats heeft in het rijtje met sporten met een meer gemondialiseerd deelnemersveld. Niet zo internationaal als tennis of biatlon maar wel voor op skiën, golf en de honderd meter sprint in de atletiek. Maar daarmee is de kous niet af.

Het Phil Anderson-effect

Als Phil Anderson, bijgenaamd Skippy, begin jaren tachtig de oversteek maakt en zijn eerste successen boekt, waait het wielrennen over naar Australië. In de tweede helft van de jaren tachtig komen de Colombianen op, en ook de Amerikanen maken dan volop furore.

Om maar te zeggen: de mondialisering van het wielrennen is helemaal geen nieuw fenomeen. Maar tussen 2005 en 2015 is het aantal niet-Europese renners wel verdubbeld. Die nieuwkomers zijn vooral afkomstig uit de landen - Australië, Colombia, de VS - die eerder furore maakten. ‘Zuid-Afrika is daar nu wel bijgekomen’, zegt sportmarketeer Wim Lagae (KU Leuven).

‘Maar in feite concentreert het wielrennen zich in een twintigtal landen waarvan er vier, waaronder België, de kop trekken.’

‘Onze Vlaams blik vertroebelt soms de realiteit’, vervolgt hij. ‘Fabian Cancellara is een goed voorbeeld. Hij heeft zijn afscheid in Gent georganiseerd. In Zwitserland kan hij gewoon over straat lopen, bij ons niet.’

‘Kijk naar de start van de Ronde van Vlaanderen ook. Veel buitenlandse renners staan selfies te nemen op het startpodium met het publiek. Nergens ter wereld worden ze zo ingehaald als helden.’

14 kijkers in IJsland

Televisie is het venster op de wereld. En bijgevolg een belangrijke factor om te kijken of een sport internationaal iets voorstelt. In het geval van wielrennen valt dat nogal tegen, zo blijkt uit onderzoek van de sporteconoom Daam Van Reeth (KU Leuven).

Met een vergrootglas is hij door de kijkcijfers gegaan van de eerste drie ritten van de Ronde van Italië vorig jaar. Vol trots verkondigde de organisatie dat die in meer dan honderd landen op tv kwam. Dat leverde gemiddeld 14 kijkers in Island op, 80 in Cyprus en nog eens 105 in Estland - met Tanel Kangert en Rein Taaramäe deden er nochtans twee verdienstelijke Esten mee.

‘Op papier is dat dus mondialisering maar in de praktijk niet’, zegt Van Reeth. ‘De televisiekijkers concentreren zich in de traditioneel wielerlanden zoals België, Nederland en Frankrijk. Al moet ook dat gerelativeerd worden. Parijs-Roubaix haalde bijvoorbeeld 400.000 kijkers in Nederland, een halvering tegenover een paar jaar geleden. De Formule 1 en MotoGP haalden wereldwijd meer kijkers.’

Exit Ronde van Qatar

De UCI doet nochtans verwoede pogingen om het wielrennen verder te internationaliseren. Via de kalender bijvoorbeeld, volgens cijfers van Van Reeth waren er in 1990 156 wedstrijden verspreid over 17 landen, vijftien jaar later waren er 411 races in 67 landen.

Maar de bescheiden successen die hier geboekt worden gaan ook gepaard met grote tegenslagen. De ontmaskering van Lance Armstrong is een klap geweest voor de ontwikkeling in de VS, de Ronde van Qatar gaat niet meer van start en Azië is geen makkelijk verhaal.

Of de mondialisering van het wielrennen aan zijn plafond zit? ‘Het zal er toch niet ver vandaan zijn’, zegt Lagae. Al ziet hij nog wel marge in het buitenland op de markt van de betere recreant, die zich al eens aan een amateurwedstrijd zonder veel inzet of de betere toertocht waagt. ‘Ecologisch, sportief, gezond, daar zit muziek in.’

Conclusie: ‘De mondialisering van de wielersport is een feit’ is geen feit, maar wel het etiket ‘een beetje waar’ waard. Het peloton is zeker internationaler geworden, maar er kan bezwaarlijk van een mondiale wereldwijde beoefende sport gesproken worden.