Enthousiasme voor werkende vluchtelingen is weg
Foto: pn
Sameh Al-Hamad, een jonge Syrische architect, staat te trappelen om aan het werk te gaan. Vandaag loopt hij stage bij een Gents bedrijf, maar een betaald contract zit er nog niet in. ‘De eisen voor Nederlands liggen heel hoog’, zegt hij.

De Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) houdt nog geen cijfers bij over hoe vluchtelingen presteren op de arbeidsmarkt, maar het Brusselse Actiris doet dat wel. Van de 5.000 vluchtelingen die  de afgelopen twee jaar ingeschreven stonden, vond minder dan een vijfde een job.

In 2015, toen het Maximiliaanpark in Brussel volstroomde met vluchtelingen, trokken de werkgevers er nochtans een tentje op, om de nieuw­komers wegwijs te maken op de Belgische arbeidsmarkt. Ze zagen het als een gouden kans, want er waren signalen dat er onder de vluchtelingen veel hoogopgeleiden waren, die knelpuntberoepen in de bouw of de technologie zouden kunnen invullen. ‘Het engagement bij de bedrijven was groot, maar achteraf gezien was dat toen de nood niet’, zegt Anton Sabbe, die voor het VBO een taskforce rond vluchtelingen leidt. ‘Vandaag is de behoefte aan werk veel groter.’

Maar ondertussen zijn veel bedrijven al minder optimistisch over de tewerkstellingskansen van veel vluchtelingen. De bouwsector ziet bijvoorbeeld veel minder mensen met technische profielen dan gehoopt. Bij Actiris is meer dan de helft van de vluchtelingen laaggeschoold.

Marc De Vos, die voor de denktank Itinera onderzocht hoe vluchtelingen het ondertussen doen op de arbeidsmarkt, ziet ‘een totale desillusie bij bedrijven en vakverenigingen.’ Hij vreest dat de recente groep nieuwkomers zal marginaliseren, als er niet opnieuw een sense of urgency komt om hen aan het werk te stellen. ‘Er gebeuren wel dingen, maar te weinig en niet systematisch. Er is ook amper opvolging.’

Projecten in Gent en Antwerpen proberen om vluchtelingen, nog voor ze vlot Nederlands spreken, aan een stage in het bedrijfsleven te helpen. ‘Maar we vinden voor amper 10 tot 15 procent van de mensen een plek’, zegt Chris Bryssinckx van vzw Werkvormm. ‘Als we bedrijven bellen, voelen we veel wantrouwen. “Oei, een moslim”, denken ze dan.’