‘Wet moet voor iederéén gelden’
Foto: IMAGEGLOBE

“De wet die het roken verbiedt in horecazaken is er voor iedereen, en moet dus door iedereen nageleefd worden', zegt Filip Horemans, woordvoerder van de ondernemersorganisatie Unizo. 'Wie de wet niet naleeft, benadeelt de andere ondernemers die de wet wél naleven.' Toch vindt Unizo, net zoals eerder Horeca Vlaanderen, dat de inspecties vooral de horeca-ondernemers viseren en dat de rokers bij de controles zoals ze nu opgevat worden, vaak vrijuit gaan.

Het was de openbare omroep VRT die vrijdag met het nieuws uitpakte dat 'vooral ‘s avonds en ‘s nachts de tabakswetgeving uit 2011 overtreden wordt: ruim een op de vijf cafés houdt zich dan niet aan het rookverbod'.

'Laat er geen misverstanden over bestaan, het rookverbod moet nageleefd worden. Als horeca-ondernemers de wet niet respecteren, dan bezondigen ze zich aan oneerlijke concurrentie tegenover de collega’s die wel de wet respecteren.' Dat zegt Danny Van Assche, afgevaardigd bestuurder van Horeca Vlaanderen. Maar de sectorfederatie maakt ook de kanttekening dat 'uit de praktijk blijkt dat vooral de uitbaters van horecazaken worden beboet en nauwelijks de rokers, die toch in eerste instantie de wet overtreden'.

Eenzelfde geluid klinkt bij Unizo-woordvoerder Filip Horemans. 'We beschikken over heel veel cases waaruit blijkt dat zaken zoals discotheken ‘s avonds of ‘s nachts bezoek krijgen van controleurs, die zich niet als zodanig kenbaar maken, en die dan enkele dagen later een boete sturen naar de nietsvermoedende uitbater', zegt Horemans.

'Men zou in die gevallen toch zeker ook de roker(s) zélf moeten beboeten, maar dat gebeurt veel minder. Terwijl de roker toch de actieve overtreder is van de wet, en de uitbater slechts de passieve overtreder.'

'Als de rokers ter plaatse zouden worden beboet, wanneer de controleurs ze op heterdaad betrappen - een beetje zoals de bereden politie de wegpiraten op de snelwegen aan de kant zet -, dan zou daar zeker meer intimidatie naar de rokers van uitgaan. Nu is het vaak alleen de ondernemer die geïntimideerd wordt.'

‘Sector wacht nog altijd op herstelplan’

Dat ‘s nachts 22 procent van de cafés hun klanten nog toelaten te roken, terwijl dat sinds 2011 niet meer mag, is volgens ondernemersorganisatie NSZ 'niet fair ten opzichte van de vele cafés die het rookverbod wel respecteren. Dat 'zorgt voor oneerlijke concurrentie'.

'Gezien de hoge boetes, die variëren naargelang de zoveelste overtreding en van 600 tot 4.500 euro oplopen, en de frequente controles, ook ‘s nachts trouwens, zou men nochtans verwachten dat de sigaret in elke horecazaak taboe zou zijn, maar dat is dus niet het geval', stelt NSZ vrijdag in een persmededeling.

'Het loont met andere woorden om, al dan niet vanaf een zeker uur, roken toe te laten in de zaak. Dat hoeft eigenlijk niet te verbazen, aangezien onderzoek voor de invoering van het rookverbod aantoonde dat 8 op de 10 vaste cafégangers rokers waren. Indien cafés willen vermijden dat een vast deel van hun cliënteel voortaan thuis zou blijven, waar wel nog iets gedronken kan worden in combinatie met een sigaret, zit er soms niets anders op dan de asbakken boven te halen. NSZ praat die evolutie niet goed, maar kan ze wel begrijpen, te meer omdat driekwart van de cafés ruimtelijk noch financieel een aparte rookkamer kan plaatsen.'

'Bovendien wachten de cafés nog steeds op een specifiek herstelplan om dat rookverbod te counteren', voegt NSZ-voorzitter Christine Mattheeuws eraan toe. 'Zij komen doorgaans niet in aanmerking voor de compensatiemaatregelen die er kwamen in ruil voor de witte kassa omdat zij geen of onvoldoende eten serveren. Cafés dringen al jaren aan op een verlaging van de btw van 21 naar 6 procent op alle dranken, een maatregel die hen financieel een zetje moet geven.'