De loonkloof komt niet uit het niets: meisjes krijgen gemiddeld al minder zakgeld dan jongens. En met het geld dat ze krijgen, mogen ze ook minder vaak doen wat ze willen.

Een kleine vijf euro: dat krijgen Vlaamse jongens gemiddeld meer aan zakgeld dan meisjes. Per week. Dat blijkt uit cijfers van het Centrum voor budgetadvies en -onderzoek van de Thomas More Hogeschool, die een kleine 2.000 leerlingen van de derde graad van de middelbare school (16 tot 18 jaar) ondervroeg.

Een bevraging bij ouders met kinderen vanaf zes jaar, van wikifin.be, bevestigt dat jongens gemiddeld meer krijgen: 39,80 euro per maand tegenover 36,90 euro. Dat het om een minder drastisch verschil gaat dan de vijf euro per week bij de oudere tieners, doet vermoeden dat de kloof zich verbreedt met de leeftijd. 

Waardoor dat verschil precies komt, is voer voor speculatie. Zeker is wel dat jongens vaker dan meisjes hun zeg doen over de hoogte van hun toelage. Een klein derde van de jongens beslist mee over de grootte van het bedrag, bij de meisjes is dat maar een vijfde. Dat blijkt uit een onderzoek van Jan Velghe, uitgevoerd in opdracht van de Belgische consumentenorganisaties. Of ouders hun jongens vaker ruimte geven voor onderhandelingen, dan wel of zonen die ruimte meer opeisen dan meisjes, valt uit het onderzoek niet af te leiden. Dat mannen betere onderhandelaars zouden zijn, verklaart ten dele mee de loonkloof op de arbeidsmarkt. Zou het kunnen dat jongens dat binnen het gezin al leren, beter onderhandelen?

Betutteling

21ste eeuw of niet, sommige ouders neigen er nog altijd naar om dochters minder zelfstandigheid te geven, denkt Ilse Cornelis van Thomas More. Ze mogen niet met de fiets naar huis na de fuif, en zo mogen ze ook minder vaak in alle vrijheid kiezen waar ze hun geld aan uitgeven. 66,6 procent van de meisjes spendeert volledig zoals ze willen, blijkt uit de Wikifin-enquête, tegenover een ruime drie kwart van de jongens.

Dat de hele zakgeldkloof een meer betuttelende houding tegenover meisjes laat vermoeden, geeft aan dat stereotiepe denkpatronen over de vrouwelijke omgang met geld nog altijd gelden, denkt Liesbet Stevens van het Instituut voor de Gelijkheid van Mannen en Vrouwen. ‘Vrouwen hebben een gat in hun hand, terwijl mannen instaan voor het beheer van het gezinsbudget: onbewust leeft dat beeld nog altijd. De vrouw die gaat shoppen met de kredietkaart van de man duikt nog altijd geregeld op in reclame en cartoons. Er lijkt me een reële kans dat zulke clichébeelden onbewust doorwerken in hoe we onze kinderen met geld laten omgaan.’ Niet dat daar een goede reden voor is, stelde Jan Velghe in elk geval voor jongvolwassen vast. 18- tot 24-jarige mannen hebben  minder zicht op inkomsten en uitgaven, en lenen makkelijker.