Delpérée stapt op als voorzitter commissie Kazachgate
Foto: Photo News

Françis Delpérée (CDH) staat zijn plek als voorzitter van de commissie rond de zaak Kazachgate dan toch af.

Ondanks het eerdere voornemen om stevig in de voorzittersstoel van de commissie Kazachgate te blijven, heeft CHD-coryfee Francis Delpérée woensdagmiddag aangekondigd dat hij opstapt. Wel blijft hij lid van de commissie. Dat schrijft persagentschap Belga en is bevestigd aan De Standaard.

'Ik stel vast dat verschillende fracties de voorbije uren vraagtekens plaatsen bij mijn rol als voorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie naar de verruimde minnelijke schikking. Ik stel vast dat mijn fractieleidster in de Kamer twijfels heeft geuit bij mijn capaciteit om voorzitter te zijn. Als gevolg daarvan, zie ik af van het voorzitterschap', aldus Delpérée.

Ter herinnering: het dossier slaat op de manier waarop de zogenaamde afkoopwet - de verruimde minnelijke schikking - in 2011 snel door het parlement werd goedgekeurd. De voormalige Senaatsvoorzitter Armand De Decker (MR) zou daarvoor lobbywerk hebben verricht voor de tot Belg genaturaliseerde miljardair Patokh Chodiev.

Aan een zijden draadje

De positie van Delpérée hing al enkele weken aan een zijden draadje. Nadat eind november bekendraakte dat hij een onderscheiding had gekregen van de Orde van Malta, die in de zaak Kazachgate de eerste contacten legde tussen De Decker en de toenmalige Franse president Nicolas Sarkozy, kwam gisteren aan het licht dat Delpérée ook over de zaak zelf werd verhoord door de politie.

De CDH’er hield gisteren nog voet bij stuk: ‘Ik was, samen met anderen, een bevoorrechte getuige. Niet van Kazachgate, maar van het parlementair proces dat toen aan de gang was’, zei hij. ‘Ik ben getuige van een brand. Roepen dat het brandt, betekent niet dat je de brandstichter bent.’

‘Een farce’

De mist van onduidelijkheid die rond Delpérée hangt, leidde tot fors protest vanuit politieke hoek. Open VLD’er Vincent Van Quickenborne dreigde vanochtend nog op Radio 1 om uit de commissie te stappen als de CDH’er voorzitter zou blijven. ‘Als voorzitter zou hij boven elke verdenking moeten staan. Hij zal als voorzitter continu op de hoogte worden gehouden van de stand van het gerechtelijk onderzoek. Tegelijkertijd maakt hij zelf onderdeel uit van dat onderzoek. Dat is een groot probleem, dat stilaan op de heupen van meer en meer partijen werkt’, stelde hij.

Ook N-VA-fractieleider Peter De Roover zag het niet meer zitten met Delpérée: ‘Als hij voorzitter blijft, draait de hele commissie uit op een farce. Ik had gezegd dat er snel andere zaken boven water zouden komen, maar zo snel, dat had ik niet verwacht, nee.’