‘778 mensen hebben zich aangemeld als slachtoffer van terreuraanslagen 22/3’
Foto: Photo News

Volgens federaal procureur Frédéric Van Leeuw staat de teller van 22/3-slachtoffers vandaag op 738. Het gaat om mensen die geregistreerd zijn als gewonde, die achteraf een verklaring hebben afgelegd en/of zich burgerlijke partij hebben gesteld.

‘Al die slachtoffers moeten worden opgevolgd’, aldus Van Leeuw, ‘en dat vergt coördinatie.’ Hij geeft toe dat de aanpak in ons land op dat vlak voor verbetering vatbaar is.

‘Dat slachtoffers gehoord willen worden verdient alle respect’, zo begon de federale procureur. Hij verwees daarmee naar de verzuchtingen van Philippe Vansteenkiste en Eddy Van Calster - broer en echtgenoot van een terreurslachtoffer - die vandaag in La Libre Belgique andere slachtoffers van de terreuraanslagen oproepen om zich te verenigen. Ze willen gehoord worden door de parlementaire onderzoekscommissie.

Voorzitter Patrick Dewael (Open VLD) zei in het begin van de zitting al dat de slachtoffers ‘uiteraard’ gehoord zullen worden, bij voorkeur op het moment dat de uitvoering van de aanbevelingen inzake hulpverlening geëvalueerd wordt. ‘Dat zal in de loop van januari zijn’, voegde Dewael er zo net aan toe.

Nog elke dagen melden zich nieuwe slachtoffers aan, en de laatste dagen weer meer. Van Leeuw: ‘Ze komen bij ons om een verklaring af te leggen, om zich te laten registreren als benadeelde of om zich burgerlijke partij te stellen. Het proces is duidelijk nog lang niet gedaan.’ Vandaag staat de teller op 778 slachtoffers. Voor Zaventem zijn er in totaal 537 slachtoffers: 311 mensen hebben zich geregistreerd als benadeelde en zijn er 215 burgerlijke partijstellingen. Voor Maalbeek zijn er 241 slachtoffers: 99 verklaringen van benadeelden en 76 burgerlijke partijstellingen. Dat de som niet klopt zou te wijten zijn aan dubbels.

Van Leeuw benadrukte dat het om een voorlopig cijfer gaat. Hij wees ook op de moeilijkheid om te bepalen wie slachtoffer is. Is een jogger die langs de plaats van het drama kwam een slachtoffer, zo vroeg hij zich af. Bij de aanslag in Nice was men een slachtoffer indien men zich binnen een perimeter van de vrachtwagen bevond, aldus nog de federaal procureur. Hij sprak ook van één vals slachtoffer.

Versnippering

Van Leeuw toont begrip voor de kritiek van veel slachtoffers dat de aanpak versnipperd is, of toch zo kan overkomen. ‘Er is de slachtofferbejegening (door de politie), het slachtofferonthaal (door het parket) en de slachtofferhulp (door gespecialiseerde diensten), daarnaast komen veel slachtoffers nog in contact met andere politiediensten, voor de teruggave van hun goederen bijvoorbeeld. De aanpak kan altijd beter, vooral in de crisisfase.’ Al mag men ook niet onderschatten wat er allemaal bij komt kijken: ‘Sommige informatie moeten we tot vijf keer toe communiceren aan het slachtoffer, op verschillende manieren, opdat het zou doordringen.’

Vooral aan coördinatiezijde kan het beter, voor én na de crisisfase, zo zegt de federale procureur. ‘Meteen na de aanslagen hebben wij vanuit het federaal parket spontaan een coördinerende rolopgenomen, maar de vraag is of het aan ons is om dat te blijven doen? Er is in elk geval nood aan een centraal registratiesysteem.’

‘45 procent Brusselse speurders met terrorisme bezig’

Vóór de federale procureur kwam de Brusselse procureur Jean-Marc Meilleur aan bod. Hij trok aan de alarmbel over de tijd en energie die terrorisme opslorpt van de Brusselse speurders. In plaats van de voorziene 15 procent wordt vandaag maar liefst 45 procent van de capaciteit van de Brusselse Federale Gerechtelijke Politie (FGP) ingepalmd door het federaal parket, voor terreurdossiers. ‘Er is een onevenwicht en dat voel je op het terrein’, aldus Meilleur. ‘Er moet aandacht blijven voor misdrijven van ‘gemeen’ recht, zoals banditisme.’

De werkdruk leidt ook tot problemen voor de lokale politie, waarschuwde de procureur. ‘Want het kader van de FGP Brussel is niet ingevuld en dus gaat men elders mankracht zoeken.’ Probleem is dat niemand mág beslissen waar de prioriteiten worden gelegd als er een conflict is tussen twee dossiers. De procureur des Konings moet het signaleren aan de procureur-generaal (PG) van het gerechtelijk ressort, en die moet op zijn beurt te rade gaan bij het College van PG’s. ‘Maar’, zo zegt Meilleur, ‘eigenlijk is er niemand die mág trancheren welk dossier dan voorrang krijgt en welk niet.’

Volgens hem is er nood aan een aparte, gecentraliseerde eenheid die zich bezig houdt met terreurdossiers én aan een vlotte(re) informatiedoorstroming. Ook zijn parket zag het aantal terrorismezaken exponentieel vermenigvuldigen op zes jaar tijd. In 2010 waren het er ‘nauwelijks’ 145 op een jaar. In 2013 steeg dat naar 220, in 2014 waren dat er al 267, vorig jaar 789 en in de eerste tien maanden van dit jaar zit men al aan 820 terrorismedossiers over meerderjarigen en 230 dossiers over minderjarigen. Van deze ruim 1.000 dossiers werden er 76 dossiers gefederaliseerd en dus overgemaakt aan het federale parket. 558 dossiers werden zonder gevolg.