Crevits stelt ‘kleutercoördinator’ aan
Foto: BELGA

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) wil het toenemend aantal ‘laagpresteerders’ in het onderwijs aanpakken bij de wortel, en dat is de lage participatie in het kleuteronderwijs binnen bepaalde bevolkingsgroepen.

Of iemand wel of niet kleuteronderwijs volgt, is een belangrijke voorspeller van schoolachterstand en slechte prestaties op latere leeftijd.

Eigenlijk is het al goed gesteld met de kleuterparticipatie in Vlaanderen. Vorig schooljaar waren maar 1,3 procent van de kleuters niet ingeschreven (onder wie vooral de driejarigen). In absolute aantallen blijkt het wel om honderden kinderen te gaan: vorig schooljaar zelfs meer dan 850 vijfjarigen. De aanwezigheid op school geeft een gelijkaardige indruk. Van de vijfjarige kleuters die schoolliepen, was 97 procent voldoende aanwezig op school. In absolute cijfers blijken wel 2.326 vijfjarige kleuters te weinig op school geweest te zijn vorig schooljaar.

Drempels

De groep kleuters die niet naar school gaan, bestaat uit bovengemiddeld veel kinderen van vreemde origine (vooral Indiase en Chinese kinderen) en meisjes. Ruim een kwart van de niet-ingeschreven kleuters wordt beschouwd als ‘mogelijk zorgwekkend’ op het moment dat ze leerplichtig worden (de anderen krijgen thuisonderwijs of ze genieten een vrijstelling van leerplicht).

Om die laatste kleuters ook naar school te krijgen, heeft Crevits nu een actieplan opgesteld. ‘Kleuterparticipatie is geen probleem in de marge’, klinkt het daarin.

Het is geen actieplan met één magische formule, want niemand kan ouders verplichten om hun kroost in te schrijven in het kleuteronderwijs. En dus gaat het plan over drempels wegwerken, over ouders informeren, sensibiliseren en betrekken, over de samenwerking met de organisaties om rondtrekkende kleuters (zoals Rom-kinderen) te monitoren en over een betere doorstroom van gegevens tussen (lokale) overheden en diensten.

Vanaf 1 januari 2017 komt er een kleutercoördinator, die onder andere de lokale knelpunten zal analyseren. Vooral in Antwerpen, Gent en Oostende is de kleuterparticipatie te laag. De coördinator zal ook goede praktijken aanreiken om de kleuterparticipatie te verhogen.

Data

Verder zullen over de kinderen meer data uitgewisseld worden, onder meer tussen de Centra voor Leerlingenbegleiding en Kind en Gezin, zodat er beter zicht komt op problematische thuissituaties. Ze kunnen dan onderling afspraken maken over wie de ouders contacteert.