Vlaamse wetenschappers lossen mysterie rond vogelpoep op ‘De Schreeuw’ op
Foto: rr

Dit wist u misschien niet: van het beroemde schilderij ‘De Schreeuw’ van Edvard Munch zijn er vier versies gemaakt. En wat u misschien ook niet wist: velen denken dat er op één van de exemplaren vogelpoep hangt. Enkele Vlaamse wetenschappers bogen zich over het mysterie, en kwamen met een logische verklaring om de hardnekkige legende te ontkrachten.

Het exemplaar van ‘De Schreeuw’, waarop de vogelpoep te zien zou zijn, hangt al heel lang in het Nasjonaalmuseet in het Noorse Oslo. Om de jarenlange legende van de vogelpoep eindelijk eens uit de wereld te helpen, concentreerden enkele wetenschappers van de Universiteit Antwerpen (UA) zich op vraag van de museumdirectie op de mysterieuze witte vlekken.

'Veel Noren zijn ervan overtuigd dat die vlekken uitwerpselen van een duif of een meeuw zijn', vertelt Geert Van der Snickt van het onderzoeksgroep AXES (UA).

Verschillende theorieën

'Van Munch is bekend dat hij vaak buiten schilderde en dat hij zijn werken graag blootstelde aan de krachten van de natuur. Het schilderij verhuisde vanuit Munchs atelier rechtstreeks naar het museum, en de vlekjes zijn er altijd geweest. Gesteund door die argumenten ontstond de overtuiging dat voorbijvliegende vogels letterlijk een nieuwe laag toevoegden aan het meesterwerk.'

Maar professor Tine Frøysaker (Universiteit Oslo) hecht minder geloof aan dat verhaal. De witte vlekken lijken onder de microscoop niet op vogelpoep. Bovendien beschadigen uitwerpselen na verloop van tijd het oppervlak, wat bij De Schreeuw niet het geval is. 'Het lijkt logischer dat de spetters per ongeluk op het doek belandden nadat iemand wat witte verf of krijt had gemorst in Munchs atelier.'

Kaars

Om definitief uitsluitsel te krijgen over de oorsprong van de witte vlekken, lieten de Antwerpse onderzoekers dus hun licht schijnen op het schilderij. 'Met onze zelfontwikkelde scanner (MA-XRF) hebben we de verf en de technieken die Munch gebruikte, onderzocht. De herkomst van de witte spetters achterhalen was niet de prioriteit, maar die kans konden we natuurlijk niet laten liggen', vertelt Van der Snickt.

Al snel werd duidelijk dat de druppels geen sporen van verf of calcium bevatten. 'Ik herkende meteen de waskristallen', zegt doctoraatsstudent Frederik Vanmeert van AXES. 'Bijenwas werd vroeger vaak gebruikt om schilferende verf op schilderijen te stabiliseren. In het geval van De Schreeuw gaat het allicht om druppeltjes gesmolten was die in Munchs atelier van een kaars naar beneden vielen.'

De legende kan dus voorgoed begraven worden: de witte vlekken op het schilderij zijn géén vogelpoep, maar gewoon druppeltjes kaarsvet.