Markeren vrouwelijke CFO’s een kentering in het bedrijfsleven?
Foto: Jobat.be
Els Verbraecken bij DEME, Birgit Conix bij Telenet, Veerle Hendrickx bij Atlas Copco en recent nog Nathalie Basyn bij Bank Degroof-Petercam… Het aantal vrouwelijke CFO’s zit duidelijk in de lift. Markeren deze vrouwen een kentering in het bedrijfsleven? Of zijn er meer maatregelen nodig om vrouwen aan de top te krijgen?

Katrien Lescrauwaet, Senior Manager en Renske Lubbinge, Manager van de Robert Walters Belgium Commerce Divisie, nodigden Els Verbraecken, Birgit Conix en Veerle Hendrickx uit om te debateren over deze trend.

Een kwestie van tijd

Het lijstje vrouwelijke CFO’s toont intussen indrukwekkend. Vaak vervingen ze een oudere, mannelijke collega. Volgens Veerle Hendrickx, VP Divisional Controller bij Atlas Copco, was die stijging van het aantal vrouwelijke CFO’s slechts een kwestie van tijd. “Tegenwoordig zijn vrouwen door hun opleiding sterker aanwezig in financiën, marketing en HR. Dan wordt de kans op een vrouwelijke CFO natuurlijk groter. Om die reden zal een bedrijf ook eerst naar die afdelingen kijken wanneer het de genderdiversiteit van het managementteam wil vergroten.”

Bovendien is de rol van de CFO de afgelopen jaren sterk veranderd, van boekhouder naar solide business partner. Naast technische excellentie zijn soft skills des te belangrijker. Als coach en business partner treedt de CFO meer in het voetlicht. Een nieuwe benoeming kan dus steeds op de nodige aandacht rekenen. Zeker wanneer het om een unicum binnen de sector gaat.

Steeds de eerste (en enige)

Birgit Conix, CFO bij Telenet, plaatst meteen een stevige kritische noot bij de ‘opmars’ van de vrouwelijke CFO: “De S&P500, geen onbelangrijke referentie, telde in 2000 slechts 6% vrouwelijke CFO’s. Dat aantal steeg tot 9% in 2010 en 11,4% in 2013, om te blijven hangen op 11,6% in 2015. De curve –met lage cijfers– ging even steil, maar sinds 2013 is er amper iets veranderd. Het wil zeggen dat het beroep in 9 op de 10 gevallen nog steeds door een man uitgeoefend wordt.”

En ook het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen nuanceert. Het stelt vast dat in 2014 bijna de helft van de directiecomités van beursgenoteerde bedrijven en economische overheidsbedrijven (47,8%) geen enkele vrouw telde, en 39,1% slechts één vrouw.

Het managementteam van Telenet, dat voor de helft uit vrouwen bestaat, vormt dus een mooie uitzondering. Niettemin is Birgit Conix, net als Els Verbraecken (DEME) de eerste vrouwelijke CFO van haar bedrijf. “Het is ook tekenend dat Trends pas in 2014, met Karen Van Griensven (Melexis), een vrouw tot CFO van het jaar verkoos”, vult Katrien Lescrauwaet, Senior Manager bij Robert Walters aan.

Gelijke kansen als bedrijfscultuur

De bedrijven die het relatief goed doen, hebben vaak een bedrijfscultuur die de gelijkheid van vrouwen en mannen stimuleert en een goede balans tussen werk en privéleven toelaat.

“Scandinavische bedrijven tonen dat de combinatie van een veeleisende job met een gezin mogelijk is. Ik hoef voor mijn werkgever bijvoorbeeld niet altijd en overal bereikbaar te zijn. De laptop moet dus niet mee op vakantie”, legt Veerle Hendrickx uit. “Bovendien werkt Atlas Copco via een intern programma actief aan een gelijkekansenbeleid voor vrouwen en mannen.”

Gevraagd: gemoedsrust

Dat neemt niet weg dat ook vrouwelijke CFO’s keuzes moeten maken. “Je kan niet én een gedreven manager én de perfecte partner én de modelmoeder zijn. Je moet nuances aanbrengen in de verschillende rollen en dat geeft je de kans om prioriteiten te stellen en ook voor die carrière te kiezen” verklaart Veerle Hendrickx. “En de partner moet meewillen in het verhaal,” zegt Birgit Conix. Het vergt namelijk heel wat organisatietalent om een carrière op topniveau uit te bouwen.

Een pijnpunt blijft betaalbare en flexibele kinderopvangfaciliteiten. De kinderopvang in België kan zeker beter, met ruimere uren en betaalbare prijzen. Nu is het voor vele ouders een heel geregel om de kinderen op tijd bij de opvang of school op te halen. Dat geregel blijkt vaak een struikelblok in een carrière. Els Verbraecken, CFO bij DEME: “Je hebt privé een zekere gemoedsrust nodig, zodat je voluit voor je job kan gaan.”

Je mag je ook niet te veel aantrekken van wat anderen over je denken. “Er is echt een mentaliteitswijziging in de maatschappij nodig”, verduidelijkt Els Verbraecken, “zodat vrouwen in high level posities zich niet moeten verantwoorden voor de keuzes die ze maken.”

Quota als oplossing?

Bedrijven kunnen meer vrouwen op C-level gebruiken, blijkt uit tal van onderzoeken. Ze verhogen de diversiteit binnen het team en zo ook de kans op betere besluitvorming. Om echt een impact te hebben, zou hun aandeel, volgens een studie van McKinsey, tot 30% moeten stijgen. Zoals eerder vermeld, zijn de meeste bedrijven zover nog niet.

Vormt de invoering van een quotum van 40%, zoals voor de raden van bestuur, dan een oplossing? Het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen wijst er bijvoorbeeld op dat het percentage vrouwen in de bestuursraden op 6 jaar verdubbeld is. Voor de wet, in 2008, ging het om 8,2%. Na de invoering van de quotawet in 2011 steeg dat tot 12,7% in 2012 en 16,6% in 2014.

Het glazen plafond

Onze 3 gesprekspartners zien geen heil in een quotawet voor directiecomités. “Vrouwen leggen zichzelf vaak een glazen plafond op,” menen Els Verbraecken en Veerle Hendrickx. “Ze stellen hun eigen competenties in vraag of durven niet voluit voor een carrière te kiezen. Mannen hebben daar minder moeite mee. Vrouwen zijn ook veel minder met carrièreplanning bezig dan mannen. Ze zouden, net als mannen, uitdrukkelijker moeten zeggen wat ze willen bereiken.”

“De mentaliteit binnen Belgische bedrijven is echt veranderd,” stelt Birgit Conix. “Als praktische beslommeringen zoals kinderopvang opgelost raken, houdt niets vrouwen tegen een carrière uit te bouwen.”

Worden deze CFO’s de nieuwe CEO’s?

Terwijl de CFO-functie vervrouwelijkt, kunnen we niet meteen hetzelfde over CEO’s zeggen. “De meeste CEO’s komen uit de operationele takken van het bedrijf. Die hebben meestal ook een sterke technische achtergrond waardoor er verhoudingsgewijs meer mannen werken”, legt Veerle Hendrickx uit. “Zolang vrouwen en mannen niet breder gaan in hun studiekeuze, zal er weinig aan het aantal vrouwelijke CEO’s veranderen.

Bovendien blijft het een aanzienlijke stap van een positie als CFO naar die van een CEO. Het vraagt nog meer energie en tijd. Ik ben bijvoorbeeld blij dat ik nog enigszins tijd heb voor hobby’s. Als CEO zouden die erbij inschieten.”

>

>

>