Man die vrouw verloor in Bataclan: ‘Ik kan de geur van kaarsen niet meer verdragen’
Kaarsjes op straat na de aanslag in Nice op 14 juli (links) en Parijs op 13 november (rechts). Foto: AP/AFP

Nog geen jaar nadat hij zijn echtgenote verloor in de aanslagen van 13 november in Parijs, wordt Antoine Leiris opnieuw overspoeld door een golf van verdriet. De terreur van 14 juli in Nice doet de Fransman weer in zijn pen kruipen om de ongelooflijke onmacht te vatten in een ontroerende open brief. ‘Waarom steken we voor de zoveelste keer kaarsen aan voor de slachtoffers van terreur?’, vraagt hij zich af.

Antoine is naast journalist ook vader van een intussen twee jaar oude zoon. ‘Jullie zullen mijn haat nooit verdienen en mijn zoon zal jullie nooit vrezen’, luidde de aanhef van zijn open brief die hij enkele dagen na de vreselijke aanslagen van 13 november deelde op zijn Facebookpagina. ‘Elke kogel in haar lichaam is er ook één in het hart van jullie God’, schreef hij als eerbetoon aan zijn geliefde vrouw.

De nieuwe open brief, die hij enkele dagen na de aanslag in Nice neerpent, publiceert Antoine in de Franse krant Le Monde. ‘Ik kan de geur van kaarsen niet meer verdragen, het geeft me zin om over te geven. In Nice, in Orlando, in Istanbul, in Brussel, overal waar terreur dood heeft gezaaid. Het zijn dezelfde taferelen: dezelfde portretten die worden opgehangen, dezelfde bloemen die worden neergelegd en dezelfde kaarsen die worden aangestoken. De penetrante geur laat de smaak van bloed achter in mijn mond’, klinkt het moedeloos en teneergeslagen.

Maar Antoine is niet gevoelloos geworden: de herdenkingsrituelen hebben volgens hem nog steeds zin. ‘Ik dacht dat ik niet meer genoeg tranen over zou hebben. Ik dacht dat het ergste was gepasseerd en dat ik eraan was gewend. Maar ik vergiste me. Bij elke nieuwe aanslag heb ik geweend. Het waren mannen, vrouwen, kinderen. Ze hadden vreugde, verdriet, verlangens, een leven. Ze zijn dood. En voor hen steken we een kaars aan.’

‘De dag dat de dood ons onverschillig laat, zijn we geworden zoals zij’

‘Tegen een vrachtwagen aan volle snelheid, tegen machinegeweren geladen met haat of tegen explosieven op ontploffing betekenen kaarsen maar weinig. Maar toch is een zee van lichtjes een krachtiger leger dan alle middelen die zij aanwenden. Want de dag dat de dood van een ander ons onverschillig laat , de dag dat we geen kaarsen meer aansteken, is de dag dat we geworden zijn zoals zij.’

‘We vrezen de dood en omarmen het leven’, besluit Antoine. ‘Daarom zette ik de volgende ochtend een brandende kaars op mijn vensterbank. En ze brandt vandaag nog steeds. Ze verspreidt de geur van angst, haat en vergelding. Maar ze herinnert mij ook aan de noodzaak van het leven.’

Man die vrouw verloor in Bataclan: ‘Ik kan de geur van kaarsen niet meer verdragen’
Een vrouw steekt kaarsen aan op de Promenade des Anglais in Nice, waar donderdagavond een terrorist met een truck 84 mensen doodreed. Foto: AFP