Belgische ‘one percent’ bezit helft aandelen
De tien procent welvarendste Belgen bezitten tot 85 en 86 procent van alle aandelen en obligaties. Foto: Rhonald Blommestijn

Zowel aandelen als obligaties zijn vooral in handen van de meest vermogende Belgen. Koren op de molen van al wie de superrijken extra wil belasten.

De Antwerpse onderzoekers Ive Marx en Sarah Kuypers brengen opvallende cijfers aan, die tonen dat verschillende soorten vermogen nog ongelijker verdeeld zijn dan tot nog toe werd gedacht. De één procent meest vermogende Belgen bezit ruim de helft van de beursgenoteerde aandelen en bijna een derde van de obligaties. Kijken we naar de tien procent welvarendste Belgen, dan bezit die tot 85 en 86 procent van de aandelen en obligaties. Die top tien procent bezit ook de bulk van het vastgoed naast de eigen woning (65,5 procent). Alle huishoudens die meer dan 702.000 euro netto vermogen hebben – dus na aftrek van schulden – behoren tot die tien procent rijkste Belgen.

Omgekeerd bezit de minst vermogende helft van de Belgen nauwelijks obligaties (0,7 procent), aandelen (1 procent) of een tweede woning (5 procent). Dat zijn huishoudens met minder dan 206.000 euro netto vermogen.

Het gevolg is dat de inkomsten uit aandelen, obligaties en verhuur van vastgoed vooral terechtkomen bij de tien procent meest vermogende Belgen. Belastingen op die inkomsten, zoals de roerende voorheffing of de veelbesproken speculatietaks, worden nu al vooral door die groep betaald. Andere vormen van vermogen, zoals de eigen woning, pensioensparen of spaartegoeden, zijn veel sterker gedemocratiseerd.

Marx wil zelf geen verregaande politieke conclusies aan de cijfers verbinden. Ze zeggen bijvoorbeeld niets over het rendement op vermogen, dat volgens de Nationale Bank al enkele jaren in dalende lijn zit. Daardoor hebben Belgen met grote vermogens niet altijd hoge inkomens, bijvoorbeeld gepensioneerden die geen loon ontvangen. Elke belastingverschuiving van arbeid naar kapitaal zou hen twee keer treffen.