‘Niet alle klimmers beseffen het gevaar van de Everest’
Jelle Veyt is een van de vier Belgen die deze maand de top van de Mount Everest bereikt hebben. Foto: if

Het klimseizoen op de Mount Everest, met 8848 meter de hoogste top ter wereld, loopt op zijn eind. Vier Belgen zijn erin geslaagd de top te bereiken. Jelle Veyt (30) uit Dendermonde, Rudi Van de Poel (55) uit Herenthout, Paul Hegge (49) uit Alken en Sofie Lenaerts (40) uit Bertem. Helaas kwamen ook vijf bergbeklimmers om het leven toen ze hun droom wilden waarmaken. ‘Niet iedereen beseft waar hij of zij aan begint’, reageert Jelle Veyt vanuit Nepal.

‘Ik was eigenlijk niet verrast toen ik hoorde dat er vier mensen overleden waren op de berg’, zegt Veyt. ‘Het nieuws kwam natuurlijk wel hard aan, zeker omdat ik de Nederlander (Eric Arnold, red.) een beetje had leren kennen. Ik bereid mezelf er altijd mentaal op voor dat er iets kan misgaan met mezelf of met mensen die ik ken, ik weet immers welke risico’s er aan bergbeklimmen verbonden zijn’, gaat hij verder.

De zone boven de achtduizend meter wordt als het gevaarlijkst beschouwd en wordt daarom soms ook ‘deadzone’ genoemd. ‘Op die hoogte is alles heel lastig door het zuurstoftekort’, vertelt Veys. ‘Alles kost een pak meer moeite dan normaal, zelfs je schoenen aandoen. Je raakt heel snel uitgeput en eigenlijk is je lichaam langzaam aan het aftakelen.’ Veyt slaagde dan ook niet in zijn plan om de hoogste berg ter wereld zonder het gebruik van zuurstofflessen te voltooien.

Minder ervaren gidsen

Is er dan geen medische begeleiding voorzien die slachtoffers moet vermijden? ‘Dat hangt sterk af van de operator die je gekozen hebt. Er zijn dure en goedkope, Europese en lokale... De goedkope operatoren moeten natuurlijk ergens op besparen. Zij gebruiken bijvoorbeeld ook minder ervaren gidsen die de berg minder goed kennen.’, aldus Jelle Veyt. ‘In het basiskamp (op 5300 meter hoogte, red.) is er een ‘emergency room’ en een dokter aanwezig. Onze operator voorzag ook begeleiding en advies door een dokter.’

‘Die dokter ging niet mee klimmen, maar hij vertelde wel hoe we medicatie konden toedienen, en hoe we symptomen van hoogteziekte konden herkennen. We hadden ook een radio op zak om met het basiskamp te kunnen communiceren’, legt hij uit.

Alle soorten klimmers

‘In het basiskamp zie je alle soorten klimmers. Er zijn inderdaad mensen die de Everest als hun eerste berg ooit willen beklimmen. Zij beseffen dikwijls het gevaar en de risico’s niet. Als ik in de problemen kom, besef ik dat en zal ik beslissen om terug te keren. Onervaren klimmers hebben niet altijd realistische verwachtingen en zullen misschien toch doorzetten’, dixit Veyt.

‘Het is belangrijk dat iedereen zijn gezond verstand gebruikt. Ik heb een koppel ontmoet dat enkel met bergbeklimmen ervaring had en veel betaald had om de top van de Everest te bereiken. Zij hebben gelukkig ingezien dat dat voor hen niet haalbaar was’, vertelt hij. ‘Zelf kende ik de risico’s, maar mijn drang om de droom waar te maken was groter dan de angst.’

‘Zo was ik realistisch genoeg om niet te lang op de top te blijven, slechts vijftien minuten, omdat ik wist dat er nog een zware afdaling volgde. Door de wind was het ook erg koud.’

Opstoppingen

De Nepalese overheid had dit jaar 289 vergunningen uitgevaardigd aan buitenlandse klimmers, die elk 11.000 dollar betaalden voor een kans om op het dak van de wereld te staan. Vorig jaar waren er 357 registraties, maar door een aardbeving bleef de berg toen gesloten. Ook in 2014 waren er geen beklimmingen door een lawine waarbij zestien sherpa’s om het leven kwamen.

‘Soms ontstaan er wel eens opstoppingen op moeilijke passages, maar ik heb niet het gevoel dat het te druk was’, besluit Jelle Veyt.

In totaal hebben nu twintig Belgen de Mount Everest bedwongen. De eerste was Rudy Van Snick uit Appelterre. Hij bereikte het dak van de wereld op 10 mei 1990.