Topvrouwen verwerpen meer quota
Van de 35 ceo’s die beursgenoteerde Belgische bedrijven leiden en die deze krant recent beoordeelde, zijn er slechts drie vrouw. Foto: Hans van den Bogaard/Hollandse Hoogte

Pure quota hebben hun beste tijd gehad, vinden zeven vrouwelijke ceo’s en voorzitsters van grote organisaties. Vrouwen naar de top laten doorstromen, is vooral een kwestie van flexibiliteit in een organisatie, zodat het werk beter valt te combineren met een gezin.

De combinatie werk en gezin belemmert de weg van vrouwen naar de top. Om vrouwen in die functies te krijgen, moeten overheid en bedrijven dat struikelblok aanpakken. Met quota alleen zullen vrouwen er niet geraken. Dat zeggen Belgische vrouwen die leiding geven in het bedrijfsleven, de magistratuur, de ambtenarij en de academische wereld. Vijf jaar nadat het parlement quota voor vrouwen in raden van bestuur goedkeurde, sprak De Standaard met hen over quota en gelijke kansen.

Dankzij quota zit het aandeel vrouwen in de raden van bestuur wel in de lift. Maar op het allerhoogste uitvoerende niveau zijn ze nog altijd dun gezaaid. Van de 35 ceo’s die beursgenoteerde Belgische bedrijven leiden en die deze krant recent beoordeelde, zijn er slechts drie vrouw. De federale regering in ons land werd tot dusver nooit door een vrouw geleid, de voorzitters van de hoge rechtbanken zijn allemaal mannen. Ook aan het hoofd van de nationale bank en de openbare omroepen staan mannen.

En toch zijn topvrouwen geen voorstander van meer quota. Michèle Sioen (voorzitter van het VBO en ceo van Sioen Industries), Françoise Chombar (ceo van Melexis) en Sonja De Becker (voorzitter van de Boerenbond) kanten zich zelfs tegen de bestaande quota. Ze vinden die te dwingend voor bedrijven en zelfs denigrerend voor vrouwen.

Ook andere vrouwen in hoge functies zijn terughoudend over de quota. Zo zegt Caroline Pauwels, de pasverkozen rector van de VUB, dat quota best een tijdelijke maatregel zijn.

Gwendolyn Rutten (voorzitter van Open Vld) vindt dat er veel meer nodig is dan die quota. Om af te geraken van de gewoonte dat een vrouw instaat voor alle zorgen voor een kind, denkt Rutten aan een ander systeem van verlof na een bevalling. ‘Zoals quota hebben geholpen om een situatie te doorbreken – en misschien nog even nodig zullen zijn om de verandering te bestendigen – is het nu ook tijd voor overheidsmaatregelen van een heel andere orde. Het verlof na een bevalling mag zich niet vooral op vrouwen toespitsen. De moederschapsrust duurt ook veel langer dan medisch noodzakelijk is. Daardoor riskeren we dat het een gewoonte wordt dat vrouwen thuisblijven voor de kinderen.’

Françoise Chombar stelt dan weer voor om het systeem van dienstencheques uit te breiden. ‘Denk maar aan het transport van de kinderen naar de sportclub of de muziekles. Nu werken veel vrouwen deeltijds om die taken en het huishouden op zich te nemen. Niet alle vrouwen worden daar gelukkiger van, maar het wordt van hen verwacht.’


Correctie. Dit artikel werd aangepast op 13 mei 2016. Oorspronkelijk stond er dat 'geen enkele regering in ons land' tot dusver door een vrouw werd geleid, en dat 'de voorzitters van de rechtbanken' allemaal mannen zijn. De Franstalige Gemeenschapsregering werd twee keer geleid door een vrouw: Laurette Onkelinx (PS), van 1993 tot 1999) en Marie Arena (PS, van 2004 - tot 2008). Enkel bij de hogere rechtbanken zijn de voorzitters allemaal mannen.