Oordopjes beschermen niet voldoende tegen geluidsoverlast

Jongeren kiezen niet de meest beschermende oordopjes om hun gehoor te beschermen tegen luide muziek. Dat blijkt uit een onderzoek van de UGent.

‘Het werkt niet om gehoorbeschermers gewoon ter beschikking te stellen van jongeren’. Dat zei Annelies Bockstael, postdoctoraal medewerker van de Universiteit Gent vandaag op een studiedag over de Vlaamse geluidsnormen. Die werden drie jaar geleden ingevoerd door toenmalig minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur Joke Schauvliege (CD&V).

Bocksteal bestudeerde de gehoorbescherming, en dus ook de ‘oordopjes’. Organisatoren moeten die bij luide evenementen verplicht ter beschikking stellen, maar die dopjes dempen de lage frequenties niet afdoende, en vlakken de hoge tonen uit, aldus Bockstael.

‘Dat maakt de beleving van de muziek niet meteen ideaal, terwijl het essentieel is dat de gebruiker gemotiveerd is de dopjes te gebruiken.’

Dat steeds meer jongeren kiezen voor de zogenaamde ‘muzikantendopjes’, is evenmin een vooruitgang. Die dopjes heten professioneler te zijn. Ze vervormen de frequenties van de muziek niet, wat een realistischer geluid oplevert. ‘Maar men kiest voor de dopjes die het meest comfortabel aanvoelen, of het hipst gemarket zijn’, aldus Bocksteal. ‘En dat zijn niet de meest beschermende.’

Om die reden pleitte de onderzoekster op de studiedag om prioriteit te geven aan een collectieve bescherming. ‘Er zijn heel veel campagnes geweest, en het blijft heel belangrijk om veel goeie informatie te verspreiden. Uit een rondvraag bij 477 studenten bleek dat 60 procent over de problematiek gehoord had. Dat is goed, maar het kan beter.’

Tevens blijkt dat maar een goeie 35 procent beschermende maatregelen neemt om het gehoor te beschermen. ‘Nochtans zijn de oplossingen haalbaar.’

Binnen de brede sector heerst niettemin het gevoel dat minister Schauvliege haar doelstelling om het gevaar op gehoorschade breder bekend te maken, absoluut gehaald heeft.

Ook de andere doelstelling, nieuwe normen voor muziek uit te zetten zonder de beleving ervan te schaden, blijkt al bij al goed werkbaar. Al heeft de sector grote vragen bij de lokale verschillen in de uitvoering van de normen, en stelt ze vast dat de handhaving ervan moeilijk verloopt.

De minister, die aanwezig bleef op de studiedag, wil verder werk maken van die problemen.